goedkeuren amendement 10 Els Robeyns Sandra Jans Ronald Kenis Willy Bex Eric Martens Fabienne Vanmuysen Mia Cuppens Frank Cornitensis Luc Knuts Gerry Briers Marina Scholts Johan Cabergs Ellen Punie Ilse Bosmans Marc Weeghmans Stéphanie Billen Stijn Vandersmissen Herman Pipeleers Kristien Treunen Els Robeyns Sandra Jans Ronald Kenis Willy Bex Eric Martens Fabienne Vanmuysen Frank Cornitensis Luc Knuts Gerry Briers Marina Scholts Johan Cabergs Ellen Punie Ilse Bosmans Marc Weeghmans Stéphanie Billen Stijn Vandersmissen Herman Pipeleers Kristien Treunen Willy Bex Stijn Vandersmissen Sandra Jans Fabienne Vanmuysen Gerry Briers Stéphanie Billen Marc Weeghmans Marina Scholts Els Robeyns Ilse Bosmans Ronald Kenis Frank Cornitensis Johan Cabergs Ellen Punie Luc Knuts Kristien Treunen Herman Pipeleers Eric Martens aantal voorstanders: 7 , aantal onthouders: 0 , aantal tegenstanders: 11 Verworpen
goedkeuren amendement 14 Els Robeyns Sandra Jans Ronald Kenis Willy Bex Eric Martens Fabienne Vanmuysen Mia Cuppens Frank Cornitensis Luc Knuts Gerry Briers Marina Scholts Johan Cabergs Ellen Punie Ilse Bosmans Marc Weeghmans Stéphanie Billen Stijn Vandersmissen Herman Pipeleers Kristien Treunen Els Robeyns Sandra Jans Ronald Kenis Willy Bex Eric Martens Fabienne Vanmuysen Frank Cornitensis Luc Knuts Gerry Briers Marina Scholts Johan Cabergs Ellen Punie Ilse Bosmans Marc Weeghmans Stéphanie Billen Stijn Vandersmissen Herman Pipeleers Kristien Treunen Gerry Briers Stéphanie Billen Stijn Vandersmissen Marc Weeghmans Willy Bex Fabienne Vanmuysen Sandra Jans Herman Pipeleers Marina Scholts Johan Cabergs Eric Martens Ronald Kenis Frank Cornitensis Ilse Bosmans Els Robeyns Luc Knuts Ellen Punie Kristien Treunen aantal voorstanders: 7 , aantal onthouders: 0 , aantal tegenstanders: 11 Verworpen
goedkeuring amendement 5 Els Robeyns Sandra Jans Ronald Kenis Willy Bex Eric Martens Fabienne Vanmuysen Mia Cuppens Frank Cornitensis Luc Knuts Gerry Briers Marina Scholts Johan Cabergs Ellen Punie Ilse Bosmans Marc Weeghmans Stéphanie Billen Stijn Vandersmissen Herman Pipeleers Kristien Treunen Els Robeyns Sandra Jans Ronald Kenis Willy Bex Eric Martens Fabienne Vanmuysen Frank Cornitensis Luc Knuts Gerry Briers Marina Scholts Johan Cabergs Ellen Punie Ilse Bosmans Marc Weeghmans Stéphanie Billen Stijn Vandersmissen Herman Pipeleers Kristien Treunen Stéphanie Billen Gerry Briers Willy Bex Fabienne Vanmuysen Marc Weeghmans Stijn Vandersmissen Sandra Jans Eric Martens Kristien Treunen Luc Knuts Ilse Bosmans Frank Cornitensis Herman Pipeleers Johan Cabergs Ronald Kenis Ellen Punie Marina Scholts Els Robeyns aantal voorstanders: 7 , aantal onthouders: 0 , aantal tegenstanders: 11 Verworpen
goedkeuren amendement 4 Els Robeyns Sandra Jans Ronald Kenis Willy Bex Eric Martens Fabienne Vanmuysen Mia Cuppens Frank Cornitensis Luc Knuts Gerry Briers Marina Scholts Johan Cabergs Ellen Punie Ilse Bosmans Marc Weeghmans Stéphanie Billen Stijn Vandersmissen Herman Pipeleers Kristien Treunen Els Robeyns Sandra Jans Ronald Kenis Willy Bex Eric Martens Fabienne Vanmuysen Frank Cornitensis Luc Knuts Gerry Briers Marina Scholts Johan Cabergs Ellen Punie Ilse Bosmans Marc Weeghmans Stéphanie Billen Stijn Vandersmissen Herman Pipeleers Kristien Treunen Fabienne Vanmuysen Stijn Vandersmissen Gerry Briers Willy Bex Sandra Jans Marc Weeghmans Stéphanie Billen Kristien Treunen Ellen Punie Johan Cabergs Ilse Bosmans Els Robeyns Herman Pipeleers Eric Martens Luc Knuts Ronald Kenis Marina Scholts Frank Cornitensis aantal voorstanders: 7 , aantal onthouders: 0 , aantal tegenstanders: 11 Verworpen
goedkeuren aangepast schema T4 Els Robeyns Sandra Jans Ronald Kenis Willy Bex Eric Martens Fabienne Vanmuysen Mia Cuppens Frank Cornitensis Luc Knuts Gerry Briers Marina Scholts Johan Cabergs Ellen Punie Ilse Bosmans Marc Weeghmans Stéphanie Billen Stijn Vandersmissen Herman Pipeleers Kristien Treunen Els Robeyns Sandra Jans Ronald Kenis Willy Bex Eric Martens Fabienne Vanmuysen Frank Cornitensis Luc Knuts Gerry Briers Marina Scholts Johan Cabergs Ellen Punie Ilse Bosmans Marc Weeghmans Stéphanie Billen Stijn Vandersmissen Herman Pipeleers Kristien Treunen Ellen Punie Frank Cornitensis Ronald Kenis Kristien Treunen Johan Cabergs Els Robeyns Luc Knuts Marina Scholts Eric Martens Ilse Bosmans Herman Pipeleers Stéphanie Billen Sandra Jans Willy Bex Marc Weeghmans Fabienne Vanmuysen Stijn Vandersmissen Gerry Briers aantal voorstanders: 11 , aantal onthouders: 0 , aantal tegenstanders: 7 Goedgekeurd
goedkeuring amendement 6 Els Robeyns Sandra Jans Ronald Kenis Willy Bex Eric Martens Fabienne Vanmuysen Mia Cuppens Frank Cornitensis Luc Knuts Gerry Briers Marina Scholts Johan Cabergs Ellen Punie Ilse Bosmans Marc Weeghmans Stéphanie Billen Stijn Vandersmissen Herman Pipeleers Kristien Treunen Els Robeyns Sandra Jans Ronald Kenis Willy Bex Eric Martens Fabienne Vanmuysen Frank Cornitensis Luc Knuts Gerry Briers Marina Scholts Johan Cabergs Ellen Punie Ilse Bosmans Marc Weeghmans Stéphanie Billen Stijn Vandersmissen Herman Pipeleers Kristien Treunen Willy Bex Gerry Briers Stijn Vandersmissen Fabienne Vanmuysen Stéphanie Billen Sandra Jans Marc Weeghmans Eric Martens Herman Pipeleers Kristien Treunen Els Robeyns Ilse Bosmans Johan Cabergs Ellen Punie Ronald Kenis Marina Scholts Luc Knuts Frank Cornitensis aantal voorstanders: 7 , aantal onthouders: 0 , aantal tegenstanders: 11 Verworpen
goedkeuren amendement 13 Els Robeyns Sandra Jans Ronald Kenis Willy Bex Eric Martens Fabienne Vanmuysen Mia Cuppens Frank Cornitensis Luc Knuts Gerry Briers Marina Scholts Johan Cabergs Ellen Punie Ilse Bosmans Marc Weeghmans Stéphanie Billen Stijn Vandersmissen Herman Pipeleers Kristien Treunen Els Robeyns Sandra Jans Ronald Kenis Willy Bex Eric Martens Fabienne Vanmuysen Frank Cornitensis Luc Knuts Gerry Briers Marina Scholts Johan Cabergs Ellen Punie Ilse Bosmans Marc Weeghmans Stéphanie Billen Stijn Vandersmissen Herman Pipeleers Kristien Treunen Sandra Jans Stéphanie Billen Stijn Vandersmissen Gerry Briers Willy Bex Marc Weeghmans Herman Pipeleers Els Robeyns Ellen Punie Johan Cabergs Ilse Bosmans Frank Cornitensis Luc Knuts Eric Martens Marina Scholts Kristien Treunen Ronald Kenis Fabienne Vanmuysen aantal voorstanders: 6 , aantal onthouders: 1 , aantal tegenstanders: 11 Verworpen
goedkeuren amendement 2 Els Robeyns Sandra Jans Ronald Kenis Willy Bex Eric Martens Fabienne Vanmuysen Mia Cuppens Frank Cornitensis Luc Knuts Gerry Briers Marina Scholts Johan Cabergs Ellen Punie Ilse Bosmans Marc Weeghmans Stéphanie Billen Stijn Vandersmissen Herman Pipeleers Kristien Treunen Els Robeyns Sandra Jans Ronald Kenis Willy Bex Eric Martens Fabienne Vanmuysen Frank Cornitensis Luc Knuts Gerry Briers Marina Scholts Johan Cabergs Ellen Punie Ilse Bosmans Marc Weeghmans Stéphanie Billen Stijn Vandersmissen Herman Pipeleers Kristien Treunen Marc Weeghmans Stéphanie Billen Gerry Briers Stijn Vandersmissen Fabienne Vanmuysen Willy Bex Sandra Jans Herman Pipeleers Ronald Kenis Kristien Treunen Frank Cornitensis Luc Knuts Eric Martens Ellen Punie Johan Cabergs Marina Scholts Els Robeyns Ilse Bosmans aantal voorstanders: 7 , aantal onthouders: 0 , aantal tegenstanders: 11 Verworpen
goedkeuren meerjarenplan 2020-2025 deel gemeente Els Robeyns Sandra Jans Ronald Kenis Willy Bex Eric Martens Fabienne Vanmuysen Mia Cuppens Frank Cornitensis Luc Knuts Gerry Briers Marina Scholts Johan Cabergs Ellen Punie Ilse Bosmans Marc Weeghmans Stéphanie Billen Stijn Vandersmissen Herman Pipeleers Kristien Treunen Els Robeyns Sandra Jans Ronald Kenis Willy Bex Eric Martens Fabienne Vanmuysen Frank Cornitensis Luc Knuts Gerry Briers Marina Scholts Johan Cabergs Ellen Punie Ilse Bosmans Marc Weeghmans Stéphanie Billen Stijn Vandersmissen Herman Pipeleers Kristien Treunen Marina Scholts Ellen Punie Ilse Bosmans Luc Knuts Frank Cornitensis Johan Cabergs Els Robeyns Eric Martens Ronald Kenis Herman Pipeleers Kristien Treunen Willy Bex Fabienne Vanmuysen Gerry Briers Stéphanie Billen Stijn Vandersmissen Marc Weeghmans Sandra Jans aantal voorstanders: 11 , aantal onthouders: 5 , aantal tegenstanders: 2 Goedgekeurd
goedkeuren amendement 3 Els Robeyns Sandra Jans Ronald Kenis Willy Bex Eric Martens Fabienne Vanmuysen Mia Cuppens Frank Cornitensis Luc Knuts Gerry Briers Marina Scholts Johan Cabergs Ellen Punie Ilse Bosmans Marc Weeghmans Stéphanie Billen Stijn Vandersmissen Herman Pipeleers Kristien Treunen Els Robeyns Sandra Jans Ronald Kenis Willy Bex Eric Martens Fabienne Vanmuysen Frank Cornitensis Luc Knuts Gerry Briers Marina Scholts Johan Cabergs Ellen Punie Ilse Bosmans Marc Weeghmans Stéphanie Billen Stijn Vandersmissen Herman Pipeleers Kristien Treunen Willy Bex Fabienne Vanmuysen Stijn Vandersmissen Gerry Briers Stéphanie Billen Marc Weeghmans Sandra Jans Ilse Bosmans Herman Pipeleers Luc Knuts Els Robeyns Marina Scholts Frank Cornitensis Ellen Punie Johan Cabergs Eric Martens Ronald Kenis Kristien Treunen aantal voorstanders: 7 , aantal onthouders: 0 , aantal tegenstanders: 11 Verworpen
goedkeuren amendement 9 Els Robeyns Sandra Jans Ronald Kenis Willy Bex Eric Martens Fabienne Vanmuysen Mia Cuppens Frank Cornitensis Luc Knuts Gerry Briers Marina Scholts Johan Cabergs Ellen Punie Ilse Bosmans Marc Weeghmans Stéphanie Billen Stijn Vandersmissen Herman Pipeleers Kristien Treunen Els Robeyns Sandra Jans Ronald Kenis Willy Bex Eric Martens Fabienne Vanmuysen Frank Cornitensis Luc Knuts Gerry Briers Marina Scholts Johan Cabergs Ellen Punie Ilse Bosmans Marc Weeghmans Stéphanie Billen Stijn Vandersmissen Herman Pipeleers Kristien Treunen Stijn Vandersmissen Willy Bex Stéphanie Billen Fabienne Vanmuysen Sandra Jans Gerry Briers Marc Weeghmans Marina Scholts Ronald Kenis Frank Cornitensis Ilse Bosmans Johan Cabergs Herman Pipeleers Els Robeyns Ellen Punie Luc Knuts Eric Martens Kristien Treunen aantal voorstanders: 7 , aantal onthouders: 0 , aantal tegenstanders: 11 Verworpen
goedkeuren amendement 1 Els Robeyns Sandra Jans Ronald Kenis Willy Bex Eric Martens Fabienne Vanmuysen Mia Cuppens Frank Cornitensis Luc Knuts Gerry Briers Marina Scholts Johan Cabergs Ellen Punie Ilse Bosmans Marc Weeghmans Stéphanie Billen Stijn Vandersmissen Herman Pipeleers Kristien Treunen Els Robeyns Sandra Jans Ronald Kenis Willy Bex Eric Martens Fabienne Vanmuysen Frank Cornitensis Luc Knuts Gerry Briers Marina Scholts Johan Cabergs Ellen Punie Ilse Bosmans Marc Weeghmans Stéphanie Billen Stijn Vandersmissen Herman Pipeleers Kristien Treunen Gerry Briers Sandra Jans Fabienne Vanmuysen Stijn Vandersmissen Marc Weeghmans Stéphanie Billen Willy Bex Els Robeyns Ronald Kenis Ilse Bosmans Kristien Treunen Marina Scholts Johan Cabergs Eric Martens Frank Cornitensis Herman Pipeleers Ellen Punie Luc Knuts aantal voorstanders: 7 , aantal onthouders: 0 , aantal tegenstanders: 11 Verworpen
goedkeuren amendement 12 Els Robeyns Sandra Jans Ronald Kenis Willy Bex Eric Martens Fabienne Vanmuysen Mia Cuppens Frank Cornitensis Luc Knuts Gerry Briers Marina Scholts Johan Cabergs Ellen Punie Ilse Bosmans Marc Weeghmans Stéphanie Billen Stijn Vandersmissen Herman Pipeleers Kristien Treunen Els Robeyns Sandra Jans Ronald Kenis Willy Bex Eric Martens Fabienne Vanmuysen Frank Cornitensis Luc Knuts Gerry Briers Marina Scholts Johan Cabergs Ellen Punie Ilse Bosmans Marc Weeghmans Stéphanie Billen Stijn Vandersmissen Herman Pipeleers Kristien Treunen Gerry Briers Marc Weeghmans Stijn Vandersmissen Sandra Jans Stéphanie Billen Herman Pipeleers Ilse Bosmans Frank Cornitensis Eric Martens Ellen Punie Marina Scholts Kristien Treunen Luc Knuts Ronald Kenis Johan Cabergs Els Robeyns Willy Bex Fabienne Vanmuysen aantal voorstanders: 5 , aantal onthouders: 2 , aantal tegenstanders: 11 Verworpen
De raad beslist:
Art. 1 Het aangepaste schema T4 wordt toegevoegd aan het meerjarenplan 2020-2025
Art. 2 De raad keurt het deel GEMEENTE van het meerjarenplan 2020-2025 voor gemeente en OCMW Wellen goed, bestaande uit de strategische nota, financiële nota en toelichting, dewelke als bijlage toegevoegd worden aan dit besluit
Art. 3 In nieuwe uitbreidingsgebieden worden onmiddellijk de nummers volgens pare en onpare huisnummering toegekend
goedkeuren meerjarenplan 2020-2025 deel OCMW Els Robeyns Sandra Jans Ronald Kenis Willy Bex Eric Martens Fabienne Vanmuysen Mia Cuppens Frank Cornitensis Luc Knuts Gerry Briers Marina Scholts Johan Cabergs Ellen Punie Ilse Bosmans Marc Weeghmans Stéphanie Billen Stijn Vandersmissen Herman Pipeleers Kristien Treunen Els Robeyns Sandra Jans Ronald Kenis Willy Bex Eric Martens Fabienne Vanmuysen Frank Cornitensis Luc Knuts Gerry Briers Marina Scholts Johan Cabergs Ellen Punie Ilse Bosmans Marc Weeghmans Stéphanie Billen Stijn Vandersmissen Herman Pipeleers Kristien Treunen Ilse Bosmans Luc Knuts Eric Martens Marina Scholts Ellen Punie Johan Cabergs Kristien Treunen Herman Pipeleers Ronald Kenis Els Robeyns Frank Cornitensis Fabienne Vanmuysen Willy Bex Stéphanie Billen Marc Weeghmans Sandra Jans Gerry Briers Stijn Vandersmissen aantal voorstanders: 11 , aantal onthouders: 5 , aantal tegenstanders: 2 Goedgekeurd
De raad beslist:
Art. 1 De raad keurt het deel OCMW van het meerjarenplan 2020-2025 voor gemeente en OCMW Wellen goed, bestaande uit de strategische nota, financiële nota en toelichting, dewelke als bijlage toegevoegd worden aan dit besluit
Goedkeuren Els Robeyns Sandra Jans Ronald Kenis Willy Bex Eric Martens Fabienne Vanmuysen Mia Cuppens Frank Cornitensis Luc Knuts Gerry Briers Marina Scholts Johan Cabergs Ellen Punie Ilse Bosmans Marc Weeghmans Stéphanie Billen Stijn Vandersmissen Herman Pipeleers Kristien Treunen Els Robeyns Sandra Jans Ronald Kenis Willy Bex Eric Martens Fabienne Vanmuysen Frank Cornitensis Luc Knuts Gerry Briers Marina Scholts Johan Cabergs Ellen Punie Ilse Bosmans Marc Weeghmans Stéphanie Billen Stijn Vandersmissen Herman Pipeleers Kristien Treunen Ellen Punie Luc Knuts Frank Cornitensis Ilse Bosmans Kristien Treunen Johan Cabergs Els Robeyns Ronald Kenis Herman Pipeleers Eric Martens Marina Scholts Stéphanie Billen Stijn Vandersmissen Marc Weeghmans Willy Bex Sandra Jans Gerry Briers Fabienne Vanmuysen aantal voorstanders: 11 , aantal onthouders: 1 , aantal tegenstanders: 6 Goedgekeurd
De raad beslist:
Art. 1 Er wordt voor het aanslagjaar 2020 ten laste van de nijverheids-, handels- en landbouwondernemingen een belasting van € 9,92 per kilowatt geheven op motoren, ongeacht de brandstof of de energie die deze motoren in beweging brengt. De belasting is verschuldigd voor de motoren die door de belastingplichtige gebruikt worden voor de uitbating van de zetel of exploitatie-eenheid van de onderneming. Dient als exploitatie-eenheid beschouwd, iedere inrichting of werf van om het even welke aard, die gedurende een ononderbroken periode van tenminste drie maanden op het grondgebied van de gemeente is gevestigd.
De belasting is echter niet verschuldigd aan de gemeente waar de zetel van de onderneming gevestigd is, voor de motoren, gebruikt in een exploitatie-eenheid in de mate waarin die motoren kunnen belast worden door de gemeente waar de exploitatie-eenheid is gevestigd.
Wanneer hetzij de zetel, hetzij een exploitatie-eenheid geregeld en op duurzame wijze een verplaatsbare motor gebruikt voor de verbinding met een of meer exploitatie-eenheden of met een verkeersweg, is daarvoor de belasting enkel verschuldigd indien hetzij de zetel, hetzij de voornaamste exploitatie-eenheid gevestigd is in de gemeente. De door de tijdelijke vennootschap verschuldigde belasting wordt ten laste van deze ingevorderd of ten laste van de natuurlijke of rechtspersonen, die er deel van uitmaakten. Na de ontbinding van de tijdelijke vennootschap zijn de natuurlijke of rechtspersonen, die er deel van uitmaakten, hoofdelijk mede de nog in te vorderen belasting verschuldigd .
Art. 2 De belasting wordt gevestigd op grond van de belastbare motoren geplaatst of gebruikt tijdens het jaar dat onmiddellijk voorafging aan het jaar waarop de belasting slaat.
Bij stopzetting van bedrijf in de loop van het jaar wordt er een bijzondere bijkomende aanslag gevestigd, berekend op basis van de belastbare motoren geplaatst en gebruikt tijdens het jaar of jaargedeelte waarin de bedrijfsstopzetting plaats heeft. De belastingplichtigen die onder toepassing vallen van deze bepaling zijn verplicht uiterlijk acht dagen na de stopzetting van het bedrijf hiervan aangifte te doen bij het College van Burgemeester en Schepenen.
De grondslagen van de belasting zijn de volgende :
a.Beschikt de onderneming slechts over één motor, dan wordt de belasting gevestigd volgens de drijfkracht opgegeven in het besluit waarbij de vergunning tot het plaatsen van de motor wordt verleend of akte van die plaatsing gegeven wordt.
b.Beschikt de onderneming over verscheidene motoren, dan wordt de belastbare drijfkracht vastgesteld op grond van de som van de krachten – opgegeven in de besluiten waarbij vergunning tot het plaatsen gegeven wordt – vermenigvuldigd met een simultaancoëfficiënt die verandert volgens het aantal motoren.
Deze coëfficiënt, gelijk aan de eenheid van één motor, wordt tot en met dertig motoren, met 1/100 van de eenheid, per bijkomende motor verminderd en blijft daarna vast en gelijk aan 0,70 voor 31 motoren en meer.
Voor het vaststellen van de simultaancoëfficiënt wordt rekening gehouden met de toestand op 1 januari van het jaar dat onmiddellijk voorafging aan het jaar waarop de stopzetting plaats heeft, of voor een nieuwe onderneming met de datum van inwerkstelling. De kracht van de hydraulische toestellen wordt vastgesteld in overleg tussen de belastingplichtige en het College van Burgemeester en Schepenen. Bij onenigheid staat het de belastingplichtige vrij een tegenonderzoek uit te lokken.
De bepalingen van dit artikel zijn toepasselijk door de gemeente naar rata van het aantal door haar belaste motoren.
Art. 3 Is van belasting vrijgesteld :
1.Elke onderneming waarvan de totale belastbare drijfkracht wordt vastgesteld als zijnde minder of gelijk aan 250 kilowatt.
2.
a. De motor die heel het jaar stil ligt. Het tijdelijk stilleggen voor een ononderbroken periode gelijk aan of langer dan één maand, geeft aanleiding tot een belastingvermindering in verhouding tot het aantal maanden gedurende dewelke de motor heeft stilgelegen. Met een inactiviteit voor een duur van één maand wordt gelijkgesteld de activiteit die beperkt is tot één dag werk op vier weken in de bedrijven die met de R.V.A. een akkoord hebben aangegaan inzake de activiteitsvermindering om een massaal ontslag van personeel te voorkomen .
De verplichte vakantieperiode wordt niet in aanmerking genomen voor het bekomen van deze gedeeltelijke vermindering.
In geval van vermindering wegens tijdelijk stilliggen, blijft voor deze motor de simultaancoëfficiënt gelden die op de onderneming van toepassing is.
Geen belastingvermindering kan aan de belanghebbende verleend worden, tenzij op grond van ter post aangetekende of tegen ontvangstbewijs afgegeven berichten die aan het gemeentebestuur enerzijds de datum van het stilleggen en anderzijds de datum van het terug in werking stellen van de motor bekend maken.
Voor het berekenen van de belastingvermindering gaat dit stilliggen van de motor pas in na ontvangst van het eerste bericht.
De bouwondernemingen, die een regelmatige boekhouding bijhouden, kunnen na een uitdrukkelijk verzoek, gemachtigd worden het stilliggen van de motoren te rechtvaardigen door het bijhouden van een inschrijvingsboekje waarin de begin- en einddatum van het stilleggen van elke motor en de werf waar hij normaal gebruikt wordt, ingeschreven worden. Op het einde van het jaar vult de aannemer zijn verklaring in op basis van de aanduidingen in dit inschrijvingsboekje. De nauwkeurigheid van deze inschrijvingen kan op elk ogenblik nagegaan worden.
Met een inactiviteit voor een duur van één maand wordt gelijkgesteld de inactiviteit gedurende een periode van vier weken, gevolgd door een activiteitsperiode van één week, als het gebrek aan werk te wijten is aan economische oorzaken.
b. De motor gebruikt voor het aandrijven van een voertuig dat onder de verkeersbelasting valt of speciaal van deze belasting is vrijgesteld.
c. De motor van een draagbaar toestel.
d. De motor die een elektrische generator drijft, voor het gedeelte van zijn vermogen dat overeenstemt met wat nodig is voor het drijven van de generator.
e.De persluchtmotor.
f.De motoren die in een drukstation gebruikt worden om de compressoren aan te drijven die instaan voor het drukregime in de vervoerleidingen voor aardgas.
g.De motorkracht die uitsluitend wordt gebruikt voor toestellen tot wateruitputting, wat ook de oorsprong ervan is, verluchting en verlichting.
h.De hulpmotor, d.w.z. deze waarvan de werking niet onmisbaar is voor de normale gang van de onderneming en die slechts werkt in uitzonderingsgevallen, wanneer zijn werking niet voor gevolg heeft de produktie te verhogen.
i.De wisselmotor, d.w.z. die welke uitsluitend bestemd is voor hetzelfde werk als een ander die hij tijdelijk moet vervangen.
De hulp- en wisselmotoren kunnen aangewend worden om gelijktijdig met de normaal gebruikte motoren te werken en dit gedurende de tijd nodig om de voortzetting van de produktie te verzekeren.
Art. 4 De motoren, die van de belasting zijn vrijgesteld wegens stilliggen gedurende het ganse jaar evenals degene die bij de toepassing van de leden b. tot i. van artikel 3 vrijgesteld zijn, komen niet in aanmerking voor het vaststellen van de simultaancoëfficiënt van de installatie van de belastingplichtige.
Art. 5 Aan nieuw opgerichte nijverheidsbedrijven of fabrieken wordt gedurende maximum 5 opeenvolgende jaren, teruggave of vrijstelling van de belasting verleend. Dit laatste is enkel het geval als de volgende voorwaarden vervuld worden:
a.In de loop van het belastingjaar een bezoldigingsbedrag aan in België gedomicilieerde werknemers vereffend hebben, overeenstemmende met ten minste 2.500 werkdagen of hiermee gelijkgestelde dagen.
b.Vrijgesteld zijn van de onroerende voorheffing op de onroerende goederen, opgericht op het grondgebied van de gemeente en die werkelijk het voorwerp uitgemaakt hebben van de investeringen, zowel voor de gebouwen als voor materieel en de outillage, onroerend van nature of door bestemming, ingeschreven in de kadastrale documenten.
c.binnen twee maanden na het verstrijken van het belastingjaar een verzoek om ontheffing doen bij het College van Burgemeester en Schepenen en dit verzoek kunnen staven met bewijsstukken.
Van deze ontheffing kan niet genoten worden :
a.door bedrijven, die zich binnen het grondgebied van de gemeente verplaatsen;
b.wanneer een bedrijf opgericht wordt door wijziging, samenvoeging of splitsing juridisch of hoe dan ook, van bestaande bedrijven, op het grondgebied van de gemeente.
Art. 6 Wanneer de fabricagemachines wegens een ongeval niet in staat zijn om meer dan 80 % van de door een belastbare motor geleverde kracht te gebruiken, zal de belastingplichtige slechts belast worden op de verbruikte kracht van de motor uitgedrukt in kilowatt, op voorwaarde dat de gedeeltelijke activiteit ten minste drie maanden geduurd heeft en dat de beschikbare kracht niet voor andere doeleinden aangewend werd.
Om van deze vermindering te genieten, moet de belastingplichtige aan het gemeentebestuur een bericht gegeven hebben, hetzij aangetekend, hetzij afgeleverd tegen ontvangstbewijs. Dat bericht bevat naast de datum van de datum van het ongeval ook die van het opnieuw aanzetten van de motor.
Voor de berekening van de belastingvermindering gaat de datum van het stilliggen van de motor slechts in vanaf de ontvangst van het eerste bericht.
De aanvrager moet bovendien op het eerste verzoek aan het gemeentebestuur alle stukken voorleggen waardoor de juistheid van zijn verklaringen kan nagegaan worden.
Wanneer een motor buiten gebruik gesteld wordt wegens ongeval, moet dat binnen acht dagen, aan het gemeentebestuur bekendgemaakt worden, op straf van verlies van het recht op belastingvermindering.
Art. 7 Wanneer de installaties van een onderneming voorzien zijn van meetapparaten voor het maximumkwartuurvermogen, waarvan de metingen maandelijks door de leverancier van elektrische energie worden gedaan met het oog op het factureren ervan en wanneer dat bedrijf ook belast werd op grond van wat in de artikels 1 en 6 bepaald wordt gedurende een periode van ten minste twee jaar, dan wordt het bedrag van de belastingen van de volgende dienstjaren, op verzoek van de exploitant, vastgesteld op basis van een belastbaar vermogen, bepaald in functie van de variatie van het ene jaar tot het andere, van de rekenkundig gemiddelde van de twaalf maandelijkse maximumkwartuurvermogens.
Daartoe berekent het bestuur de verhouding tussen het vermogen, dat voor het jongste belastingjaar op grond van de inhoud van artikels 1 tot 6 aangeslagen werd en het rekenkundig gemiddelde der twaalf maandelijkse maximumkwartuurvermogens opgenomen tijdens hetzelfde jaar; deze verhouding wordt “verhoudingsfactor” genoemd.
Vervolgens wordt het belastbaar vermogen elk jaar berekend door vermenigvuldiging van het rekenkundig gemiddelde van de twaalf maximumkwartvermogens van het jaar met de verhoudingsfactor.
De waarde van de verhoudingsfactor wordt niet gewijzigd zolang het rekenkundig gemiddelde van de maximumkwartuurvermogens van een jaar niet meer dan 20 % verschilt van het refertejaar, d.w.z. van het jaar dat in aanmerking werd genomen voor de berekening van de verhoudingsfactor.
Bedraagt dit verschil meer dan 20 % dan telt het bestuur de belastbare elementen om een nieuwe verhoudingsfactor te berekenen.
Om het voordeel van de bepalingen van dit artikel te genieten, moet de exploitant voor 31 januari van het belastingjaar een schriftelijke aanvraag bij het gemeentebestuur indienen met opgave van de maandelijkse waarden van het maximumkwartvermogen, die in zijn installaties werden opgenomen tijdens dat jaar, voorafgaande aan het jaar wanneer hij om de toepassing van deze bepalingen verzoekt; hij moet er zich bovendien toe verbinden bij zijn jaarlijkse aangifte de opgave van de maandelijkse waarden van het maximumvermogen van het belastingjaar te voegen en het bestuur toe te laten steeds de in zijn installatie gedane metingen van het maximumvermogen, vermeld op de facturen voor levering van elektrische energie, te controleren.
De exploitant die deze wijze van aangifte, controle en aanslag kiest, verbindt zich door zijn keuze voor een periode van vijf jaar.
Behalve bij verzet van de exploitant of van het bestuur bij het verstrijken van die periode, wordt deze stilzwijgend verlengd voor een nieuwe periode van vijf jaar.
Art. 8 De belastingplichtigen zijn verplicht de belastbare elementen op te geven overeenkomstig een formulier hen toegezonden door het gemeentebestuur. Dit formulier dient voor de erin vermelde dag teruggezonden te worden.
Zij die geen aangifteformulier ontvangen hebben of belastingplichtig worden na de inzameling van de aangifteformulieren zijn niettemin verplicht voor 01.05.2020 spontaan de nodige gegevens aan het gemeentebestuur te bezorgen om de aanslag te kunnen berekenen.
Art. 9 De exploitant dient de eventuele veranderingen of verplaatsingen van motoren, die zich in de loop van het jaar voorgedaan hebben, aan het gemeentebestuur bekend te maken, behalve wanneer de onderneming op geldige wijze de regeling, bedoeld van artikel 7 heeft gekozen.
Art.10 Bij gebrek aan aangifte, of in geval van onjuiste, onvolledige of onnauwkeurige aangifte vanwege de belastingplichtige, wordt de belasting ambtshalve ingekohierd.
Vooraleer wordt overgegaan tot de ambtshalve vaststelling van de belastingaanslag, betekent het college van burgemeester en schepenen, aan de belastingplichtige, per aangetekend schrijven, de motieven om gebruik te maken van deze procedure, de elementen waarop de aanslag is gebaseerd evenals de wijze van bepaling van deze elementen en het bedrag van de belasting.
De belastingplichtige beschikt over een termijn van 30 dagen volgend op de datum van verzending van de betekening om zijn opmerkingen schriftelijk voor te dragen.
De ambtshalve vaststelling van de belastingaanslag kan slechts geldig worden ingekohierd gedurende een periode van drie jaar volgend op 1 januari van het aanslagjaar. Deze termijn wordt met twee jaar verlengd bij overtreding van de belastingverordening met het oogmerk te bedriegen of met de bedoeling schade te berokkenen.
De ambtshalve ingekohierde belasting wordt verhoogd met 50 % en wordt ook ingekohierd.
Art. 11 Artikel 5 van het decreet verleent de bevoegdheid tot het stellen van alle nodige fiscale onderzoeks- en controleverrichtingen in verband met de toepassing van de belastingverordening en de bepalingen, vermeld in de artikelen 6 en 7 van het decreet.
De bevoegde personeelsleden van de gemeente moeten daartoe speciaal worden aangesteld door respectievelijk het college van burgemeester en schepenen.
Het kunnen zowel personeelsleden in statutair of in contractueel verband zijn.
Het proces-verbaal dat deze personeelsleden opmaken heeft bewijskracht tot bewijs van het tegendeel. Hierdoor wordt er een bijzondere bewijswaarde aan verleend zodat het controlerend personeelslid een bevoorrechte getuigenis kan leveren die de rechter niet naast zich kan neerleggen, tenzij het tegendeel bewezen wordt. De bewijslast wordt dus verlegd van de overheid naar de belastingplichtige.
Artikel 6 van het decreet regelt de bevoegdheden van de controlerende personeelsleden bedoeld in artikel 5.
De verplichting tot het voorleggen van boeken en bescheiden geldt niet alleen voor de belastingplichtigen, maar ook voor derden, met name voor iedereen die over dergelijke boeken of bescheiden zou beschikken.
De controlerende personeelsleden beschikken over een speciaal toegangsrecht, eventueel mits machtiging van de politierechter. Een machtiging is niet nodig indien uit vrije wil toegang wordt verleend. Het spreekt voor zich dat in dit verband geen enkel misbruik vanwege de controlerende personeelsleden kan worden aanvaard.
De financieel beheerder kan niet worden aangesteld als controlerend personeelslid.
Art. 12 De kohieren worden vastgesteld en uitvoerbaar verklaard ten laatste op 30 juni van het jaar dat volgt op het aanslagjaar door het college van burgemeester en schepenen.
Het kohier wordt tegen ontvangstbewijs overgezonden aan de met de invordering belaste financieel beheerder die onverwijld instaat voor de verzending van de aanslagbiljetten. Deze verzending gebeurt zonder kosten voor de belastingplichtigen.
Behalve de elementen vermeld op het kohier moet het aanslagbiljet alle noodzakelijke gegevens bevatten om de belastingschuldige toe te laten gebruik te maken van zijn bezwaarrecht. Het decreet vermeld in artikel 4, §3:
1° de verzendingsdatum van het aanslagbiljet;
2° de uiterste betalingsdatum;
3° de termijn waarbinnen een bezwaarschrift kan worden ingediend, de benaming, het adres en de contactgegevens van de instantie die bevoegd is om het bezwaarschrift te ontvangen, evenals de vermelding dat de belastingplichtige of zijn vertegenwoordiger die wenst gehoord te worden, zulks uitdrukkelijk moet vragen in het bezwaarschrift.
Het reglement of een samenvatting van het reglement op basis waarvan de belasting is gevestigd, wordt op het aanslagbiljet afgedrukt of wordt als bijlage toegevoegd.
Gezien een hoorzitting voortaan enkel georganiseerd wordt indien een belastingschuldige of zijn vertegenwoordiger erom heeft gevraagd in zijn bezwaarschrift (zie art. 9, §4), is het nodig dat deze mogelijkheid wordt vermeld op het aanslagbiljet.
Art. 13 De belastingschuldige (of zijn vertegenwoordiger)kan tegen zijn aanslag een bezwaar indienen bij het college van burgemeester en schepenen binnen een termijn van drie maanden vanaf de derde werkdag volgend op de datum van verzending van het aanslagbiljet of vanaf de kennisgeving van de aanslag of vanaf de datum van de contact inning.
Het bezwaarschrift moet, op straffe van nietigheid, schriftelijk bij het college van burgemeester en schepenen worden ingediend en worden gemotiveerd. Het bewaar schift mag eveneens, tegen ontvangstbewijs, overhandigd worden aan het college van burgemeester en schepenen of aan het orgaan dat zij speciaal daarvoor aanwijst.
Het wordt gedagtekend en ondertekend door de belastingschuldige of zijn vertegenwoordiger en vermeldt de naam, de hoedanigheid, het adres of de zetel van de belastingplichtige alsmede het voorwerp van het bezwaarschrift en een opgave van de feiten en middelen.
Het college van burgemeester en schepenen of een personeelslid dat speciaal daarvoor is aangewezen, stuurt binnen vijftien kalenderdagen na de indiening van het bezwaarschrift een ontvangstmelding enerzijds naar de belastingschuldige en, in voorkomend geval, zijn vertegenwoordiger en anderzijds naar de financieel beheerder.
De belastingplichtigen kunnen de verbetering aanvragen van materiële missingen, zoals dubbele aanslag, rekenfouten, enz. zolang de gemeenterekening van het dienstjaar waarop de belasting betrekking heeft, niet goedgekeurd werd.
Art. 14 De belasting moet betaald worden binnen twee maanden na de verzending van het aanslagbiljet.
Art. 15 Wanneer de belasting niet betaald is binnen de gestelde termijn worden de regels toegepast betreffende de nalatigheidsintresten inzake de rijksbelastingen op de inkomsten.
De raad beslist:
Art. 1 Er wordt voor het aanslagjaar 2020 ten voordele van de gemeente een jaarlijkse gemeentebelasting gevestigd op de dragende verticale constructies en masten met een hoogte van minimaal 20 meter boven het maaiveld die zich op het grondgebied van de gemeente bevinden.
Art. 2 Voor de toepassing van dit reglement moet er onder verticale constructie worden verstaan, elke individuele op zichzelf staande verticale structuur, met uitsluiting van gebouwen, die opgericht is op het niveau van het maaiveld en die hoofdzakelijk dient als draagstructuur voor lichtinstallaties, geluidsinstallaties, transport van energie, ...
Art. 3 De belasting is verschuldigd door de eigenaar - rechtspersoon of natuurlijke persoon - van de dragende constructie of mast op 1 januari van het aanslagjaar.
Art. 4 De belasting wordt vastgesteld op een vast bedrag van 2.500 euro per jaar per mast of constructie.
Vrijstelling wordt verleend voor constructies die gebruikt worden :
- om groene stroom of windenergie op te wekken.
- door VZW's voor de uitbating van het maatschappelijk doel van hun vereniging zijnde het beoefenen van sportieve activiteiten, recreatie, enz.
- door openbare besturen en andere openbare instellingen.
Art. 5 De belastingplichtige ontvangt vanwege het gemeentebestuur een aangifteformulier dat door hem/haar, behoorlijk ingevuld en ondertekend, voor de er in vermelde datum moet worden teruggestuurd.
De belastingplichtige die geen aangifteformulier ontvangen heeft, is er toe gehouden uiterlijk op 31 januari van het jaar volgend op het aanslagjaar een aangifteformulier aan te vragen.
Art. 6 Bij gebrek aan aangifte binnen de in artikel 5 vermelde termijn of bij onvolledige of onjuiste aangifte kan de belastingplichtige ambtshalve worden belast.
In geval van ambtshalve aanslag wordt de belasting gevestigd op basis van de gegevens waarover de administratie beschikt.
Voor de belasting ambtshalve wordt gevestigd brengt het college van burgemeester en schepenen de belastingplichtige met een aangetekende brief op de hoogte van de redenen waarom ze gebruik maakt van deze procedure, de elementen waarop de belasting is gebaseerd alsook het bedrag van de belasting. De belastingplichtige beschikt over een termijn van dertig kalenderdagen, te rekenen vanaf de derde werkdag die volgt op de verzending van de kennisgeving door het college, om zijn/haar opmerkingen schriftelijk voor te dragen.
Art. 7 De belasting wordt ingevorderd bij wijze van een kohier dat vastgesteld en uitvoerbaar verklaard wordt door het college van burgemeester en schepenen.
De overeenkomstig artikel 6 ambtshalve gevestigde belasting wordt verhoogd met 10% en samen ingekohierd met de hoofdsom.
Art. 8 De belasting moet betaald worden binnen de twee maanden na verzending van het aanslagbiljet.
Art. 9 De kohieren worden vastgesteld en uitvoerbaar verklaard ten laatste op 30 juni van het jaar dat volgt op het aanslagjaar door het college van burgemeester en schepenen.
Het kohier wordt tegen ontvangstbewijs overgezonden aan de met de invordering belaste financieel beheerder die onverwijld instaat voor de verzending van de aanslagbiljetten. Deze verzending gebeurt zonder kosten voor de belastingplichtigen.
Behalve de elementen vermeld op het kohier moet het aanslagbiljet alle noodzakelijke gegevens bevatten om de belastingschuldige toe te laten gebruik te maken van zijn bezwaarrecht. Het decreet vermeld in artikel 4, §3:
1° de verzendingsdatum van het aanslagbiljet;
2° de uiterste betalingsdatum;
3° de termijn waarbinnen een bezwaarschrift kan worden ingediend, de benaming, het adres en de contactgegevens van de instantie die bevoegd is om het bezwaarschrift te ontvangen, evenals de vermelding dat de belastingplichtige of zijn vertegenwoordiger die wenst gehoord te worden, zulks uitdrukkelijk moet vragen in het bezwaarschrift.
Het reglement of een samenvatting van het reglement op basis waarvan de belasting is gevestigd, wordt op het aanslagbiljet afgedrukt of wordt als bijlage toegevoegd.
Gezien een hoorzitting voortaan enkel georganiseerd wordt indien een belastingschuldige of zijn vertegenwoordiger erom heeft gevraagd in zijn bezwaarschrift (zie art. 9, §4), is het nodig dat deze mogelijkheid wordt vermeld op het aanslagbiljet.
Art. 10 De belastingschuldige (of zijn vertegenwoordiger)kan tegen zijn aanslag een bezwaar indienen bij het college van burgemeester en schepenen binnen een termijn van drie maanden vanaf de derde werkdag volgend op de datum van verzending van het aanslagbiljet of vanaf de kennisgeving van de aanslag of vanaf de datum van de contact inning.
Het bezwaarschrift moet, op straffe van nietigheid, schriftelijk bij het college van burgemeester en schepenen worden ingediend en worden gemotiveerd. Het bewaar schift mag eveneens, tegen ontvangstbewijs, overhandigd worden aan het college van burgemeester en schepenen of aan het orgaan dat zij speciaal daarvoor aanwijst.
Het wordt gedagtekend en ondertekend door de belastingschuldige of zijn vertegenwoordiger en vermeldt de naam, de hoedanigheid, het adres of de zetel van de belastingplichtige alsmede het voorwerp van het bezwaarschrift en een opgave van de feiten en middelen.
Het college van burgemeester en schepenen of een personeelslid dat speciaal daarvoor is aangewezen, stuurt binnen vijftien kalenderdagen na de indiening van het bezwaarschrift een ontvangstmelding enerzijds naar de belastingschuldige en, in voorkomend geval, zijn vertegenwoordiger en anderzijds naar de financieel beheerder.
De belastingplichtigen kunnen de verbetering aanvragen van materiële missingen, zoals dubbele aanslag, rekenfouten, enz. zolang de gemeenterekening van het dienstjaar waarop de belasting betrekking heeft, niet goedgekeurd werd.
Art. 11 De belasting moet betaald worden binnen twee maanden na de verzending van het aanslagbiljet.
Art. 12 Wanneer de belasting niet betaald is binnen de gestelde termijn worden de regels toegepast betreffende de nalatigheidsintresten inzake de rijksbelastingen op de inkomsten.
De raad beslist:
Art. 1 Er wordt voor het aanslagjaar 2020 ten voordele van de gemeente een jaarlijkse directe belasting gevestigd op de tweede verblijven, ongeacht het feit of ze al dan niet in de kadastrale legger ingeschreven zijn.
Art. 2 Onder tweede verblijf moet worden verstaan elke private woongelegenheid waarvan de persoon die er kan wonen, voor deze woongelegenheid niet ingeschreven is in de bevolkingsregisters, ongeacht het feit of het gaat om landhuizen, bungalows, appartementen, grote of kleine weekendhuizen of buitenverblijven, optrekjes, chalets, wooncaravans of alle andere vaste woongelegenheden.
Als tweede verblijf worden niet beschouwd :
- lokalen die uitsluitend bestemd zijn voor het uitoefenen van
beroepsactiviteiten;
- tenten, verplaatsbare caravans en woonaanhangwagens.
Art. 3 Onder wooncaravans moet verstaan worden de caravans die technisch niet gemaakt zijn om voortgetrokken te worden, en waarvan het chassis en het type van wielen het voortslepen niet zouden verdragen.
Met verplaatsbare caravans en woonaanhangwagens worden alle soorten van caravans bedoeld zoals caravans met een enkel stel wielen, de “semi-wooncaravans” met een dubbel stel wielen, de woonwagens en de caravans waarmee de kermisreizigers rondtrekken.
Art. 4 Het bedrag van de belasting wordt vastgesteld op € 125,00 per jaar en per tweede verblijf.
Art. 5 De belasting is verschuldigd door wie op 1 januari van het aanslagjaar eigenaar is van het tweede verblijf; de hoedanigheid van tweede verblijf wordt op diezelfde datum beoordeeld. In geval van mede-eigendom is de mede-eigenaar de belasting verschuldigd voor zijn wettelijk aandeel.
Art. 6 De belastingplichtigen zijn verplicht de belastbare elementen op te geven overeenkomstig een formulier hen toegezonden door het gemeentebestuur. Dit formulier dient voor de erin vermelde dag teruggezonden te worden.
Zij die geen aangifteformulier ontvangen hebben of belastingplichtig worden na de inzameling van de aangifteformulieren zijn niettemin verplicht voor 01.05.2020 spontaan de nodige gegevens aan het gemeentebestuur te bezorgen om de aanslag te kunnen berekenen.
Art. 7 Bij gebrek aan aangifte, of in geval van onjuiste, onvolledige of onnauwkeurige aangifte vanwege de belastingplichtige, wordt de belasting ambtshalve ingekohierd. Vooraleer wordt overgegaan tot de ambtshalve vaststelling van de belastingaanslag, betekent het college van burgemeester en schepenen, aan de belastingplichtige, per aangetekend schrijven, de motieven om gebruik te maken van deze procedure, de elementen waarop de aanslag is gebaseerd evenals de wijze van bepaling van deze elementen en het bedrag van de belasting.
De belastingplichtige beschikt over een termijn van 30 dagen volgend op de datum van verzending van de betekening om zijn opmerkingen schriftelijk voor de dragen.
De ambtshalve vaststelling van de belastingaanslag kan slechts geldig worden ingekohierd gedurende een periode van drie jaar volgend op 1 januari van het aanslagjaar. Deze termijn wordt met twee jaar verlengd bij overtreding van de belastingverordening met het oogmerk te bedriegen of met de bedoeling schade te berokkenen.
De ambtshalve ingekohierde belasting wordt verhoogd met 50 % en wordt ook ingekohierd.
Art. 8 Artikel 5 van het decreet verleent de bevoegdheid tot het stellen van alle nodige fiscale onderzoeks- en controleverrichtingen in verband met de toepassing van de belastingverordening en de bepalingen, vermeld in de artikelen 6 en 7 van het decreet.
De bevoegde personeelsleden van de gemeente moeten daartoe speciaal worden aangesteld door respectievelijk het college van burgemeester en schepenen.
Het kunnen zowel personeelsleden in statutair of in contractueel verband zijn.
Het proces-verbaal dat deze personeelsleden opmaken heeft bewijskracht tot bewijs van het tegendeel. Hierdoor wordt er een bijzondere bewijswaarde aan verleend zodat het controlerend personeelslid een bevoorrechte getuigenis kan leveren die de rechter niet naast zich kan neerleggen, tenzij het tegendeel bewezen wordt. De bewijslast wordt dus verlegd van de overheid naar de belastingplichtige.
Artikel 6 van het decreet regelt de bevoegdheden van de controlerende personeelsleden bedoeld in artikel 5. De verplichting tot het voorleggen van boeken en bescheiden geldt niet alleen voor de belastingplichtigen, maar ook voor derden, met name voor iedereen die over dergelijke boeken of bescheiden zou beschikken.
De controlerende personeelsleden beschikken over een speciaal toegangsrecht, eventueel mits machtiging van de politierechter. Een machtiging is niet nodig indien uit vrije wil toegang wordt verleend. Het spreekt voor zich dat in dit verband geen enkel misbruik vanwege de controlerende personeelsleden kan worden aanvaard.
Art. 9 Wanneer de belasting niet betaald is binnen de gestelde termijn worden de regels toegepast betreffende de nalatigheidsintresten inzake de rijksbelastingen op de inkomsten.
Art. 10 De kohieren worden vastgesteld en uitvoerbaar verklaard ten laatste op 30 juni van het jaar dat volgt op het aanslagjaar door het college van burgemeester en schepenen.
Het kohier wordt tegen ontvangstbewijs overgezonden aan de met de invordering belaste financieel beheerder die onverwijld instaat voor de verzending van de aanslagbiljetten. Deze verzending gebeurt zonder kosten voor de belastingplichtigen.
Behalve de elementen vermeld op het kohier moet het aanslagbiljet alle noodzakelijke gegevens bevatten om de belastingschuldige toe te laten gebruik te maken van zijn bezwaarrecht. Het decreet vermeld in artikel 4, §3:
1° de verzendingsdatum van het aanslagbiljet;
2° de uiterste betalingsdatum;
3° de termijn waarbinnen een bezwaarschrift kan worden ingediend, de benaming, het adres en de contactgegevens van de instantie die bevoegd is om het bezwaarschrift te ontvangen, evenals de vermelding dat de belastingplichtige of zijn vertegenwoordiger die wenst gehoord te worden, zulks uitdrukkelijk moet vragen in het bezwaarschrift.
Het reglement of een samenvatting van het reglement op basis waarvan de belasting is gevestigd, wordt op het aanslagbiljet afgedrukt of wordt als bijlage toegevoegd.
Gezien een hoorzitting voortaan enkel georganiseerd wordt indien een belastingschuldige of zijn vertegenwoordiger erom heeft gevraagd in zijn bezwaarschrift (zie art. 9, §4), is het nodig dat deze mogelijkheid wordt vermeld op het aanslagbiljet.
Art. 11 De belastingschuldige (of zijn vertegenwoordiger)kan tegen zijn aanslag een bezwaar indienen bij het college van burgemeester en schepenen binnen een termijn van drie maanden vanaf de derde werkdag volgend op de datum van verzending van het aanslagbiljet of vanaf de kennisgeving van de aanslag of vanaf de datum van de contact inning.
Het bezwaarschrift moet, op straffe van nietigheid, schriftelijk bij het college van burgemeester en schepenen worden ingediend en worden gemotiveerd. Het bezwaarschrift mag eveneens, tegen ontvangstbewijs, overhandigd worden aan het college van burgemeester en schepenen of aan het orgaan dat zij speciaal daarvoor aanwijst.
Het wordt gedagtekend en ondertekend door de belastingschuldige of zijn vertegenwoordiger en vermeldt de naam, de hoedanigheid, het adres of de zetel van de belastingplichtige alsmede het voorwerp van het bezwaarschrift en een opgave van de feiten en middelen.
Het college van burgemeester en schepenen of een personeelslid dat speciaal daarvoor is aangewezen, stuurt binnen vijftien kalenderdagen na de indiening van het bezwaarschrift een ontvangstmelding enerzijds naar de belastingschuldige en, in voorkomend geval, zijn vertegenwoordiger en anderzijds naar de financieel beheerder.
De belastingplichtigen kunnen de verbetering aanvragen van materiële missingen, zoals dubbele aanslag, rekenfouten, enz. zolang de gemeenterekening van het dienstjaar waarop de belasting betrekking heeft, niet goedgekeurd werd.
Art. 12 De belasting moet betaald worden binnen twee maanden na de verzending van het aanslagbiljet.
Art. 13 Wanneer de belasting niet betaald is binnen de gestelde termijn worden de regels toegepast betreffende de nalatigheidsintresten inzake de rijksbelastingen op de inkomsten.
De raad beslist:
Art. 1 Er wordt voor een termijn, die eindigt op 31 december 2020 inbegrepen, een indirecte belasting gevestigd op het afleveren door het gemeentebestuur, van allerlei administratieve stukken.
De belasting is verschuldigd door de natuurlijke of rechtspersonen aan wie het stuk wordt afgeleverd.
Deze verordening is niet toepasselijk op het afleveren van stukken die onderworpen zijn aan de betaling van een bijzonder recht ten voordele van de gemeente krachtens een wet, een algemeen of provinciaal reglement of een bijzonder gemeentelijk reglement.
Art. 2 Het bedrag van de belasting wordt vastgesteld als volgt :
I IDENTITEITSDOCUMENTEN |
| ||
A. Normale procedure | Kostprijs | Gemeen-telijke Belasting | TOTAAL
|
Elektronische identiteitskaarten voor Belgen en kaarten en verblijfsdocumenten afgeleverd aan vreemde onderdanen, bedoeld in art. 1 eerste lid | € 16,10
| € 2,00
| € 18,10
|
Elektronische identiteitsdocumenten voor Belgische kinderen onder de twaalf jaar, bedoeld in art. 1, tweede lid | € 6,40
| € 0,00
| € 6,40
|
Biometrische kaarten en verblijfstitels uitgereikt aan vreemde onderdanen van derde landen, bedoeld in artikel 1, eerste lid | € 16,60
| € 2,00
| € 18,60
|
B. Spoedprocedure met levering in de gemeente | kostprijs | Gemeen-telijke Belasting | TOTAAL
|
Elektronische identiteitskaarten voor Belgen en kaarten en verblijfdsdocumenten uitgereikt aan vreemde onderdanen, bedoeld in art. 1, eerste en tweede lid |
|
|
|
OPTIE 1 - spoedprocedure (D+2) | € 84,00
| € 2,00
| € 86,00
|
OPTIE 2 - extreme spoedprocedure (D+1) | € 98,60 | € 2,00 | € 100,60 |
Elektronische identiteitskaarten voor Belgische kinderen onder de 12 jaar , bedoeld in art. 1 eerste en tweede lid |
|
|
|
OPTIE 1 - spoedprocedure (D+2)
| € 88,90 | €0,00 | € 88,90 |
C. Spoedprocedure met gecentraliseerde levering bij FOD Binnenlandse Zaken |
|
|
|
Elektronische identiteitskaarten voor Belgen, bedoeld in art. 1, eerste lid en tweede lid |
|
|
|
OPTIE 3 - extreme spoedprocedure met gecentraliseerde levering (D+1) | € 129,80
| €2,00 | € 131,80 |
Elektronische identiteitskaarten voor Belgische kinderen onder 12 jaar, bedoeld in art. 1, eerste lid en tweede lid |
|
|
|
OPTIE 3 - extreme spoedprocedure met gecentraliseerde levering (D+1) | € 120,10 | €0,00 | € 120,10 |
F. Attest van immatriculatie |
|
|
|
attest van immatriculatie | € 0,80 | € 2,00 | € 2,80 |
IIREISPASPOORTEN | |||
BELGEN | |||
A.Normale procedure | Kostprijs | Gemeen-telijke Belasting | TOTAAL |
Volwassenen | € 65,00 | € 5,00
| € 70,00 |
Kinderen tot 18 jaar | € 35,00 | € 0,00 | € 35,00 |
B.Spoedprocedure | Kostprijs | Gemeen-telijke Belasting | TOTAAL |
Volwassenen | € 240,00 | € 5,00
| € 245,00 |
Kinderen tot 18 jaar | € 210,00 | € 0,00 | € 210,00 |
C. Super dringende procedure | € 300,00 | € 5,00 | € 3,00 |
NIET BELGEN |
|
|
|
RD VLUCHTELINGEN |
|
|
|
A. Gewone procedure | Kostprijs | Gemeen- telijke belasting
| TOTAAL |
Meerderjarig | € 61,00 | € 5,00 | € 66,00 |
Minderjarig | € 41,00 | € 0,00 | € 41,00 |
B. Dringende procedure | Kostprijs | Gemeen- telijke Belasting | TOTAAL |
Meerderjarig | € 230,00 | € 5,00 | € 235,00 |
Minderjarig | 210,00 | € 0,00 | € 210,00 |
RD VREEMDELINGEN |
|
|
|
A. Gewone procedure | Kostprijs | Gemeen- telijke Belasting | TOTAAL |
Meerderjarig | € 61,00 | € 5,00 | € 66,00 |
Minderjarig | € 41,00 | € 0,00 | € 41,00 |
B. Dringende procedure | Kostprijs | Gemeen- telijke Belasting | TOTAAL |
Meerderjarig | € 230,00 | € 5,00 | € 235,00 |
Minderjarig | € 210,00 | € 0,00 | € 210,00 |
RD STAATSLOZEN |
|
|
|
A. Gewone procedure | Kostprijs | Gemeen- telijke Belasting | TOTAAL |
Meerderjarig | € 61,00 | € 5,00 | € 66,00 |
Minderjarig | € 41,00 | € 0,00 | € 41,00 |
B. Dringende procedure | Kostprijs | Gemeen- telijke Belating | TOTAAL |
Meerderjarig | € 230,00 | € 5,00 | € 235,00 |
Minderjarig | € 210,00 | € 0,00 | € 210,00 |
III VOORNAAMSVERANDERING |
|
|
|
Voornaamsverandering |
| € 50,00 | €50,00 |
Transgenders |
| € 5,00 | € 5,00 |
IVRIJBEWIJZEN |
|
|
|
| Kostprijs | Gemeen-telijke Belasting | TOTAAL |
Rijbewijzen bankkaartmodel | €20,00 | € 5,00 | € 25,00 |
Internationaal rijbewijs | €16,00 | € 4,00 | € 20,00 |
VHUWELIJKSBOEKJES | |||
| Kostprijs | Gemeen-telijke Belasting | TOTAAL |
Huwelijksboekje inclusief belasting op het in het huwelijksboekje voorkomend huwelijksgetuigschrift |
| € 8,00 | € 8,00 |
VIINLICHTINGENFORMULIER NAAR AANLEIDING VAN VERKOOP ONROEREND GOED | |||
|
| Gemeen-telijke Belasting | TOTAAL |
Per formulier |
| € 62,00
| € 62,00
|
VIIAFLEVEREN /WEIGEREN CONFORMITEITSATTEST AAN NATUURLIJKE OF RECHTSPERSONEN DIE HET ATTEST HEEFT AANGEVRAAGD | |||
|
| Gemeen-telijke Belasting | TOTAAL |
Voor een zelfstandige woning |
| € 62,50 | € 62,50 |
Voor een kamerwoning te verhogen met 12,50 € per kamer met een maximum van 1.250 € per gebouw |
| € 12,50 € 1.250
| € 12,50 € 1.250 |
Art. 3 De belasting wordt ingevorderd bij het afleveren van het document. De personen die onderworpen zijn aan de belasting zijn eveneens verplicht er het bedrag van in bewaring te geven op het ogenblik van de aanvraag, indien het document niet onmiddellijk kan afgeleverd worden.
Er wordt kosteloos een ontvangstbewijs van de in bewaring gegeven sommen afgeleverd.
Art. 4 Contantbelastingen worden onmiddellijk geïnd tegen afgifte van een betalingsbewijs (art. 5, §1van het Decreet). De contantbelasting is onmiddellijk eisbaar. Het bezwaarschrift tegen een contantbelasting moet, conform artikel 9, §1 van het decreet worden ingediend binnen een termijn van drie maanden te rekenen vanaf de datum van de contante inning.
Art. 5 Als de contantbelasting niet kan worden geïnd, wordt de belasting een kohierbelasting: ze wordt dit door opname in een kohier en krijgt vanaf dan alle kenmerken van een kohierbelasting, met inbegrip van een betalingstermijn van twee maanden en een bezwaartermijn van drie maanden vanaf de verzending van het aanslagbiljet (art. 4, §5 van het decreet).
Art. 6 Worden van de belasting vrijgesteld :
a.De stukken die in uitvoering van een wet of van gelijk welk reglement van de administratieve overheid door het gemeentebestuur kosteloos moeten worden afgeleverd ;
b.de stukken die afgeleverd worden aan behoeftige personen, de behoeftigheid wordt door ieder overtuigend bewijsstuk gestaafd ;
c.de machtigingen aangaande godsdienstige of politieke manifestaties ;
d.de machtigingen aangaande activiteiten die als dusdanig reeds het voorwerp uitmaken van een belasting of retributie ten voordele van de gemeente ;
e.de stukken die afgeleverd worden aan de gerechtelijke of administratieve overheden, alsook aan instellingen van openbaar nut ;
f.de mededeling van inlichtingen door de politie aan verzekeringsmaatschappijen omtrent het gevolg dat gegeven werd in verband met verkeersongevallen op de openbare weg.
g.de getuigschriften van goed zedelijk gedrag afgegeven door de gemeentebesturen om gevoegd te worden bij een aanvraag van een door de regering ingestelde eervolle onderscheiding
h.geldigverklaring van aanvraagformulieren voor vermindering op biljetten van de NMBS, de NMVB en openbare autobusdiensten ;
i.afgifte van nationaliteitsbewijzen aan de kandidaten bij gemeenteraadsverkiezingen ;
j.de al dan niet uitkeringsgerechtigde werklozen, pas afgestudeerd, laatstejaarsstudenten, leerlingen van het laatste jaar secundair onderwijs en werkzoekende personen van wie het enige inkomen het bestaansminimum is, die bescheiden nodig hebben wanneer ze voor een betrekking solliciteren. Wel is het zo dat de belanghebbenden zelf het bewijs dienen te leveren dat ze voor de vrijstelling in aanmerking komen en dat de bescheiden waarvoor
ze de belastingvrijstelling vragen, bij het solliciteren nodig zijn.
k.inlichtingenformulier naar aanleiding van de verkoop van onroerende goederen :Federale Overheidsdienst Financiën – aankoopcomité.
Art. 7 De belasting is niet toepasselijk op de afgifte van stukken, welke krachtens een wet, een koninklijk besluit of een overheidsverordening reeds aan de betaling van een recht ten behoeve van de gemeente onderworpen is. Uitzondering wordt gemaakt voor de rechten welke de met het afgeven van reispassen belaste gemeenten ambtshalve toekomen krachtens art. 13 van de wet van 04.07.1956 en het K.B. dd. 20.12.1972 en 12.11.1976.
Art. 8 De kohieren worden vastgesteld en uitvoerbaar verklaard ten laatste op 30 juni van het jaar dat volgt op het aanslagjaar door het college van burgemeester en schepenen.
Het kohier wordt tegen ontvangstbewijs overgezonden aan de met de invordering belaste financieel beheerder die onverwijld instaat voor de verzending van de aanslagbiljetten. Deze verzending gebeurt zonder kosten voor de belastingplichtigen.
Behalve de elementen vermeld op het kohier moet het aanslagbiljet alle noodzakelijke gegevens bevatten om de belastingschuldige toe te laten gebruik te maken van zijn bezwaarrecht. Het decreet vermeld in artikel 4, §3:
1° de verzendingsdatum van het aanslagbiljet;
2° de uiterste betalingsdatum;
3° de termijn waarbinnen een bezwaarschrift kan worden ingediend, de benaming, het adres en de contactgegevens van de instantie die bevoegd is om het bezwaarschrift te ontvangen, evenals de vermelding dat de belastingplichtige of zijn vertegenwoordiger die wenst gehoord te worden, zulks uitdrukkelijk moet vragen in het bezwaarschrift.
Het reglement of een samenvatting van het reglement op basis waarvan de belasting is gevestigd, wordt op het aanslagbiljet afgedrukt of wordt als bijlage toegevoegd.
Gezien een hoorzitting voortaan enkel georganiseerd wordt indien een belastingschuldige of zijn vertegenwoordiger erom heeft gevraagd in zijn bezwaarschrift (zie art. 9, §4), is het nodig dat deze mogelijkheid wordt vermeld op het aanslagbiljet.
Art. 9 De belastingschuldige (of zijn vertegenwoordiger)kan tegen zijn aanslag een bezwaar indienen bij het college van burgemeester en schepenen binnen een termijn van drie maanden vanaf de derde werkdag volgend op de datum van verzending van het aanslagbiljet of vanaf de kennisgeving van de aanslag of vanaf de datum van de contact inning.
Het bezwaarschrift moet, op straffe van nietigheid, schriftelijk bij het college van burgemeester en schepenen worden ingediend en worden gemotiveerd. Het bezwaarschrift mag eveneens, tegen ontvangstbewijs, overhandigd worden aan het college van burgemeester en schepenen of aan het orgaan dat zij speciaal daarvoor aanwijst.
Het wordt gedagtekend en ondertekend door de belastingschuldige of zijn vertegenwoordiger en vermeldt de naam, de hoedanigheid, het adres of de zetel van de belastingplichtige alsmede het voorwerp van het bezwaarschrift en een opgave van de feiten en middelen.
Het college van burgemeester en schepenen of een personeelslid dat speciaal daarvoor is aangewezen, stuurt binnen vijftien kalenderdagen na de indiening van het bezwaarschrift een ontvangstmelding enerzijds naar de belastingschuldige en, in voorkomend geval, zijn vertegenwoordiger en anderzijds naar de financieel beheerder.
De belastingplichtigen kunnen de verbetering aanvragen van materiële missingen, zoals dubbele aanslag, rekenfouten, enz. zolang de gemeenterekening van het dienstjaar waarop de belasting betrekking heeft, niet goedgekeurd werd.
Art. 10 De belasting moet betaald worden binnen twee maanden na de verzending van het aanslagbiljet.
Art. 11 Wanneer de belasting niet betaald is binnen de gestelde termijn worden de regels toegepast betreffende de nalatigheidsintresten inzake de rijksbelastingen op de inkomsten.
De raad beslist:
Art. 1 Belastbaar feit
De gemeente Wellen heft voor het aanslagjaar 2020 een belasting op de meldingen en aanvragen bedoeld in het Decreet 25.04.2014 betreffende de omgevingsvergunning, het K.B. 23.09.1958 houdende algemeen reglement betreffende het fabriceren, opslaan, onder zich houden, verkopen, vervoeren en gebruiken van springstoffen en het K.B. 20.07.2001 houdende algemeen reglement op de bescherming van de bevolking, van de werknemers en het leefmilieu tegen het gevaar van de ioniserende stralingen.
Art. 2 Belastingplichtige
De belasting is verschuldigd door de natuurlijke of de rechtspersoon die de aanvraag of melding heeft ingediend en bij gebreke daarvan de vergunninghouder of exploitant.
Art. 3 Berekeningsgrondslag en tarief
De belasting bestaat uit een bedrag per dossiertype (3.1) verhoogd met een aanvullende dossierbelasting (3.2). Bij gecombineerde aanvragen worden de van toepassing zijnde elementen samengeteld.
3.1 Belasting per dossiertype
Omschrijving | Belasting |
Omgevingsvergunning | |
Omgevingsvergunning voor stedenbouwkundige handelingen en/of exploiteren van een ingedeelde inrichting of activiteit en/of vegetatiewijzigingen en/of kleinhandelsactiviteiten | |
Meldingen | |
Melding van een ingedeelde inrichting of activiteit (klasse 3) | 25 euro |
Melding voor het uitvoeren van stedenbouwkundige handelingen | 25 euro |
Melding van de overdracht van de vergunning voor een ingedeelde inrichting of activiteit | 25 euro |
Omgevingsvergunningsaanvragen | |
Aanvraag voor een omgevingsvergunning voor een ingedeelde inrichting of activiteit (klasse 1, 2A en 2): • vereenvoudigde procedure : • gewone procedure : |
25 euro 80 euro |
Aanvraag voor een omgevingsvergunning voor het uitvoeren van stedenbouwkundige handelingen: • vereenvoudigde procedure • vereenvoudigde procedure met uitzetting bouwlijn • gewone procedure • gewone procedure met uitzetting bouwlijn |
25 euro 45 euro 80 euro 100 euro |
Aanvraag voor een omgevingsvergunning voor vegetatiewijziging | 25 euro |
Aanvraag voor een omgevingsvergunning voor kleinhandelsingsactiviteiten * vereenvoudigde procedure tot een netto handelsoppervlakte van maximaal 20.000 m² * gewone procedure vanaf een netto handelsoppervlakte vanaf 20.000 m² |
25 euro
80 euro |
Aanvraag gecombineerde omgevingsvergunningen (vb stedebouwkundige handelingen en/of ingedeelde inrichtingen en/of vegetatiewijzigingen en/of kleinhandelsactiviteiten * vereenvoudigde procedure * vereenvoudigde procedure met uitzetting bouwlijn * gewone procedure * gewone procedure met uitzetting bouwlijn |
25 euro 45 euro 80 euro 100 euro |
Andere |
|
Verzoek tot bijstelling van in de omgevingsvergunning opgelegde milieuvoorwaarden (enkel belast indien op vraag van de exploitant) | 80 euro |
Vraag tot omzetting van een milieuvergunning verleend voor 20 jaar naar een permanente vergunning (art. 390 omgevingsvergunningsdecreet) | 80 euro |
Omgevingsvergunning voor het verkavelen van gronden |
|
Aanvraag voor een omgevingsvergunning voor het verkavelen van gronden : • gewone procedure : • per lot : • met wegenis |
• 80 euro • surplus 10 euro • surplus 100 euro |
Verzoek tot bijstelling van de omgevingsvergunning voor het verkavelen van gronden : • gewone procedure • per lot • met wegenis |
• 80 euro • surplus 10 euro • surplus 100 euro |
Afstand van de omgevingsvergunning voor het verkavelen van gronden (art. 104 omgevingsvergunningsdecreet) | 25 euro |
Aanvragen van attesten |
|
Aanvraag van een stedenbouwkundig attest (art. 5.3.1 VCRO) | 25 euro |
Aanvraag van een planologisch attest (art. 4.4.24 ev VCRO) | 25 euro |
Verstrekken van inlichtingen | |
Aanvraag van vastgoedinformatie per kadastraal perceel of per cluster van aaneengesloten percelen van dezelfde eigenaar | 62 euro |
Andere vergunningsaanvragen | |
Vergunningsaanvraag ioniserende straling | |
voor de inrichtingen gerangschikt door het algemeen reglement op de bescherming van de bevolking en van de werknemers tegen het gevaar van ioniserende stralingen : • in klasse 1 en 2
• in klasse 3 |
• 50 euro per inrichting • 25 euro per inrichting |
Vergunningsaanvraag springstoffen | |
voor de inrichtingen geklasseerd in 1ste en 2de klasse door het reglement inzake springstoffen | 50 euro per inrichting |
3.2 Aanvullende dossierbelasting
Omschrijving | Belasting |
Voor het digitaliseren van een analoog ingediend dossier (art. 156 omgevingsvergunningsbesluit) : • bundel bestaand uit papierformaat A4 en A3 : • plannen in papierformaat A2, A1 en A0 : |
• 25 euro • 5 euro per plan |
Voor het publiceren van berichten in dag- of weekbladen (o.a. art. 22 en 61 omgevingsvergunningsbesluit) | werkelijke publicatiekost conform factuur van dag- of weekblad |
Voor het (aangetekend) in kennis brengen van kadastrale eigenaars en omwonenden (o.a. art. 23 en 62 omgevingsvergunningsbesluit) | Indien er een openbaar onderzoek wordt georganiseerd, wordt de belasting verhoogd met de kosten per aangetekende zending |
Voor het wijzigen van het voorwerp van de aanvraag (art. 30 of 45 omgevingsvergunningsdecreet) • zonder openbaar onderzoek : • met openbaar onderzoek |
25 euro 100 euro |
Aanvraag voor het houden van een projectvergadering (art. 8 omgevingsvergunningsdecreet) | 150 euro |
Art. 4 Vrijstellingen
Er is vrijstelling van belasting :
a) voor meldingen en aanvragen ingediend
• door overheden en instellingen van openbaar nut (meer bepaald de eigen gemeente, het eigen OCMW, de eigen autonome gemeentebedrijven, de politiezone, de hulpverleningszone en andere intergemeentelijke samenwerkingsverbanden waar de eigen gemeente deel van uitmaakt
• voor de bouw van sociale huurwoningen door de Vlaamse Maatschappij voor Sociaal Wonen (VMSW) en de door haar erkende sociale huisvestingsmaatschappijen
• inrichtingen klasse 3 uitsluitend horende bij de woonfunctie van een onroerend goed dat hoofdzakelijk als woongelegenheid wordt gebruikt
• inrichtingen bedoeld in art. 5.1.1.11° van het DABM (tijdelijke inrichtingen)
b) omwille van procedurele redenen :
• Dossiers die niet op vraag van de vergunningshouder werden opgestart [bv. omzetting vergunning op proef, gerichte evaluatie, bijstelling voorwaarden, schorsing/opheffing, …]
• Procedurestappen die worden overgedaan als gevolg van een administratieve lus, op voorwaarde dat art. 13 omgevingsvergunningsdecreet van toepassing is.
Art. 6 Invordering
De belasting wordt ingevorderd door middel van een kohier. De kohieren worden vastgesteld en uitvoerbaar verklaard ten laatste op 30 juni van het jaar dat volgt op het aanslagjaar door het college van burgemeester en schepenen.
Het kohier wordt tegen ontvangstbewijs overgezonden aan de met de invordering belaste financieel beheerder die onverwijld instaat voor de verzending van de aanslagbiljetten. Deze verzending gebeurt zonder kosten voor de belastingschuldigen.
De kohierbelasting moet worden betaald binnen de twee maanden vanaf de datum van verzending van het aanslagbiljet. Wanneer de belasting niet betaald is binnen de gestelde termijn, worden de regels toegepast betreffende nalatigheidsintresten inzake de rijksbelastingen op de inkomsten.
Art. 7 Indienen van bezwaren
De belastingschuldige (of zijn vertegenwoordiger) kan tegen zijn aanslag een bezwaarschrift indienen bij het college van burgemeester en schepenen (t.a.v. de financiële dienst).
Dit moet gebeuren binnen een termijn van drie maanden te rekenen vanaf de derde werkdag volgend op de datum van verzending van het aanslagbiljet.
Het bezwaarschrift moet, op straffe van nietigheid, schriftelijk bij het college van burgemeester en schepenen ingediend worden, gemotiveerd worden en ondertekend zijn. Het bezwaarschrift mag eveneens, tegen ontvangstbewijs, overhandigd worden aan de burgemeester of aan het orgaan dat zij speciaal daarvoor aanwijst (de financiële dienst).
Het bezwaarschrift wordt gedagtekend en ondertekend door de belastingschuldige of zijn vertegenwoordiger. Hiertoe vermeldt het bezwaarschrift de naam, de hoedanigheid, het adres van de belastingschuldige of van de maatschappelijke zetel, alsmede het voorwerp van het bezwaarschrift en een opgave van de feiten en middelen.
De belastingschuldige kan de verbetering aanvragen van materiële missingen, zoals dubbele aanslag, rekenfouten, enz. zolang de gemeenterekening van het dienstjaar, waarop de belasting betrekking heeft, niet goedgekeurd werd.
Als de belastingschuldige of zijn vertegenwoordiger wil uitgenodigd worden op de hoorzitting moet dit in het bezwaarschrift worden gevraagd.
Het college van burgemeester en schepenen of een personeelslid, dat door het college van burgemeester en schepenen, speciaal daarvoor is aangewezen, stuurt binnen 15 kalenderdagen na de indiening van het bezwaarschrift een ontvangstmelding, enerzijds naar de belastingschuldige en, in voorkomend geval, zijn vertegenwoordiger, en anderzijds naar de financieel beheerder.
Art. 8 Vestiging en invordering
Onverminderd het decreet van 30 mei 2008, zijn de bepalingen van titel 7, hoofdstukken 1, 3, 4 en 6 tot en met 9bis van het Wetboek van de inkomstenbelastingen en van artikel 126 tot en met 175 van het koninklijk besluit tot uitvoering van het Wetboek van de inkomstenbelastingen, van toepassing, voor zover ze niet specifiek de inkomstenbelastingen betreffen.
Art. 9 Geldingsduur
Dit reglement geldt voor meldingen en aanvragen ingediend volgens de nieuwe procedure, vanaf de datum van implementatie van de omgevingsvergunning binnen de gemeente. Het geldt tot andersluidende beslissing.
Art. 10 Opheffingen
Op het moment van de inwerkingtreding van dit reglement vervangt dit reglement volgende reglementen :
• Gemeenteraadsbeslissing d.d. 01.12.2016 inzake belasting op de aanvragen tot of melden van het exploiteren of veranderen van hinderlijke inrichtingen - aanslagjaar 2017
• Gemeenteraadsbeslissing d.d. 28.12.2016 inzake belasting op bouw- en verklaringsaanvragen - aanslagjaar 2017
Art. 11 Bekendmaking
Dit reglement wordt afgekondigd en bekendgemaakt overeenkomstig artikel 186 gemeentedecreet en wordt verzonden aan de gouverneur overeenkomstig art. 253, § 1, 3° gemeentedecreet.
De raad beslist:
Art. 1 Er wordt voor een termijn eindigend op 31 december 2020 een belasting geheven op het niet maximaal afkoppelen van hemel- en afvalwater op privaat domein bij de aanleg van een 2DWA stelsel op openbaar domein.
Art. 2 De realisatie van de maximale afkoppeling op privaat domein dient uiterlijk plaats te vinden bij het einde der werken op openbaar domein.
De vaststelling van het niet maximaal afkoppelen van hemel- en afvalwater op privaat domein bij de aanleg van een 2DWA stelsel op openbaar domein gebeurt door een personeelslid aangesteld door het college van burgemeester en schepenen om een controle en onderzoek in te stellen en vaststellingen te verrichten in verband met de toepassing van de belastingverordening. Het personeelslid stelt een proces-verbaal op.
Art. 3 De belasting is verschuldigd door de eigenaar van een gebouw die – naar aanleiding van de aanleg van een gescheiden rioleringsstelsel op het openbaar domein – het hemel- en afvalwater niet maximaal afkoppelt. De eigenaar is hoofdelijk aansprakelijk voor de betaling van de belasting.
Art. 4 De belasting wordt berekend als volgt:
-Voor de eerste 12 maanden na beëindiging der werken aan het openbaar rioolstelsel: een forfaitair bedrag van 100 euro per begonnen maand dat de afkoppeling op privé-terrein niet maximaal werd gerealiseerd.
-Vanaf de 13 de maand na beëindiging der werken aan het openbaar rioolstelsel: een forfaitair bedrag van 200 euro per begonnen maand dat de afkoppeling op privé-terrein niet maximaal werd gerealiseerd.
Art. 5 De belasting wordt ingevorderd bij wege van een kohier dat wordt vastgesteld door het college van burgemeester en schepenen op basis van het proces-verbaal van niet afkoppeling zoals opgesteld door een personeelslid daartoe speciaal aangesteld door het college van burgemeester en schepenen.
Art. 6 De kohieren worden vastgesteld en uitvoerbaar verklaard ten laatste op 30 juni van het jaar dat volgt op het aanslagjaar door het college van burgemeester en schepenen.
Het kohier wordt tegen ontvangstbewijs overgezonden aan de met de invordering belaste financieel beheerder die onverwijld instaat voor de verzending van de aanslagbiljetten. Deze verzending gebeurt zonder kosten voor de belastingplichtigen.
Behalve de elementen vermeld op het kohier moet het aanslagbiljet alle noodzakelijke gegevens bevatten om de belastingschuldige toe te laten gebruik te maken van zijn bezwaarrecht. Het decreet vermeld in artikel 4, §3:
1° de verzendingsdatum van het aanslagbiljet;
2° de uiterste betalingsdatum;
3° de termijn waarbinnen een bezwaarschift kan worden ingediend, de benaming, het adres en de contactgegevens van de instantie die bevoegd is om het bezwaarschrift te ontvangen, evenals de vermelding dat de belastingplichtige of zijn vertegenwoordiger die wenst gehoord te worden, zulks uitdrukkelijk moet vragen in het bezwaarschrift.
Het reglement of een samenvatting van het reglement op basis waarvan de belasting is gevestigd, wordt op het aanslagbiljet afgedrukt of wordt als bijlage toegevoegd.
Gezien een hoorzitting voortaan enkel georganiseerd wordt indien een belastingschuldige of zijn vertegenwoordiger erom heeft gevraagd in zijn bezwaarschrift (zie art. 9, §4), is het nodig dat deze mogelijkheid wordt vermeld op het aanslagbiljet.
Art. 7 De belastingschuldige (of zijn vertegenwoordiger)kan tegen zijn aanslag een bezwaar indienen bij het college van burgemeester en schepenen binnen een termijn van drie maanden vanaf de derde werkdag volgend op de datum van verzending van het aanslagbiljet of vanaf de kennisgeving van de aanslag of vanaf de datum van de contact inning.
Het bezwaarschrift moet, op straffe van nietigheid, schriftelijk bij het college van burgemeester en schepenen worden ingediend en worden gemotiveerd. Het bezwaarschrift mag eveneens, tegen ontvangstbewijs, overhandigd worden aan het college van burgemeester en schepenen of aan het orgaan dat zij speciaal daarvoor aanwijst.
Het wordt gedagtekend en ondertekend door de belastingschuldige of zijn vertegenwoordiger en vermeldt de naam, de hoedanigheid, het adres of de zetel van de belastingplichtige alsmede het voorwerp van het bezwaarschrift en een opgave van de feiten en middelen.
Het college van burgemeester en schepenen of een personeelslid dat speciaal daarvoor is aangewezen, stuurt binnen vijftien kalenderdagen na de indiening van het bezwaarschrift een ontvangstmelding enerzijds naar de belastingschuldige en, in voorkomend geval, zijn vertegenwoordiger en anderzijds naar de financieel beheerder.
De belastingplichtigen kunnen de verbetering aanvragen van materiële missingen, zoals dubbele aanslag, rekenfouten, enz. zolang de gemeenterekening van het dienstjaar waarop de belasting betrekking heeft, niet goedgekeurd werd.
Art. 8 De belasting moet betaald worden binnen twee maanden na de verzending van het aanslagbiljet.
Art. 9 Wanneer de belasting niet betaald is binnen de gestelde termijn worden de regels toegepast betreffende de nalatigheidsintresten inzake de rijksbelastingen op de inkomsten.
De raad beslist:
Art. 1 Er wordt voor het aanslagjaar 2020 voor het opstellen van een foorinrichting die onderworpen is aan een standplaatsrecht een belasting geheven van € 0,50 per m² en € 2,50 per lopende meter ter gelegenheid van Sint-Jan-kermis, met een minimum van €25,00.
Dit minimum wordt, voor wat betreft de autoscooters, gebracht op € 200,00 voor Sint-Jan-kermis.
Echter zal, indien dit wenselijk wordt geacht, het schepencollege kunnen overgaan tot het toewijzen der standplaatsen bij middel van een openbare onderschrijving op basis van het bovenvermeld standplaatsrecht.
Art. 2 De personen die een foorinrichting willen opstellen en over een abonnement beschikken of een standplaats voor 1 jaar toegewezen kregen zullen onmiddellijk het bedrag van het vastgestelde standplaatsrecht als waarborg moeten storten :
-via het ontvangen overschrijvingsformulier vanwege de gemeente op haar financiële rekening, of
-in handen van de gemeenteontvanger of diens afgevaardigde, die hun hiervan kwijting geeft.
Het niet betalen dezer waarborg vernietigt de gegeven toelating.
Art. 3 Contantbelastingen worden onmiddellijk geïnd tegen afgifte van een betalingsbewijs (art. 5, §1).
De contantbelasting is onmiddellijk eisbaar.
Het bezwaarschrift tegen een contantbelasting moet, conform artikel 9, §1, worden ingediend binnen een termijn van drie maanden te rekenen vanaf de datum van de contante inning.
Art. 4 Als de contantbelasting niet kan worden geïnd, wordt de belasting een kohierbelasting: ze wordt dit door opname in een kohier en krijgt vanaf dan alle kenmerken van een kohierbelasting, met inbegrip van een betalingstermijn van twee maanden en een bezwaartermijn van drie maanden vanaf de verzending van het aanslagbiljet (art. 4, §5).
Wanneer de belasting niet betaald is binnen de gestelde termijn worden de regels toegepast betreffende de nalatigheidsintresten inzake de rijksbelastingen op de inkomsten.
Art. 5 De kohieren worden vastgesteld en uitvoerbaar verklaard ten laatste op 30 juni van het jaar dat volgt op het aanslagjaar door het college van burgemeester en schepenen.
Het kohier wordt tegen ontvangstbewijs overgezonden aan de met de invordering belaste financieel beheerder die onverwijld instaat voor de verzending van de aanslagbiljetten. Deze verzending gebeurt zonder kosten voor de belastingplichtigen.
Behalve de elementen vermeld op het kohier moet het aanslagbiljet alle noodzakelijke gegevens bevatten om de belastingschuldige toe te laten gebruik te maken van zijn bezwaarrecht. Het decreet vermeld in artikel 4, §3:
1° de verzendingsdatum van het aanslagbiljet;
2° de uiterste betalingsdatum;
3° de termijn waarbinnen een bezwaarschrift kan worden ingediend, de benaming, het adres en de contactgegevens van de instantie die bevoegd is om het bezwaarschrift te ontvangen, evenals de vermelding dat de belastingplichtige of zijn vertegenwoordiger die wenst gehoord te worden, zulks uitdrukkelijk moet vragen in het bezwaarschrift.
Het reglement of een samenvatting van het reglement op basis waarvan de belasting is gevestigd, wordt op het aanslagbiljet afgedrukt of wordt als bijlage toegevoegd.
Gezien een hoorzitting voortaan enkel georganiseerd wordt indien een belastingschuldige of zijn vertegenwoordiger erom heeft gevraagd in zijn bezwaarschrift (zie art. 9, §4), is het nodig dat deze mogelijkheid wordt vermeld op het aanslagbiljet.
Art. 6 De belastingschuldige (of zijn vertegenwoordiger)kan tegen zijn aanslag een bezwaar indienen bij het college van burgemeester en schepenen binnen een termijn van drie maanden vanaf de derde werkdag volgend op de datum van verzending van het aanslagbiljet of vanaf de kennisgeving van de aanslag of vanaf de datum van de contact inning.
Het bezwaarschrift moet, op straffe van nietigheid, schriftelijk bij het college van burgemeester en schepenen worden ingediend en worden gemotiveerd. Het bezwaarschrift mag eveneens, tegen ontvangstbewijs, overhandigd worden aan het college van burgemeester en schepenen of aan het orgaan dat zij speciaal daarvoor aanwijst.
Het wordt gedagtekend en ondertekend door de belastingschuldige of zijn vertegenwoordiger en vermeldt de naam, de hoedanigheid, het adres of de zetel van de belastingplichtige alsmede het voorwerp van het bezwaarschrift en een opgave van de feiten en middelen.
Het college van burgemeester en schepenen of een personeelslid dat speciaal daarvoor is aangewezen, stuurt binnen vijftien kalenderdagen na de indiening van het bezwaarschrift een ontvangstmelding enerzijds naar de belastingschuldige en, in voorkomend geval, zijn vertegenwoordiger en anderzijds naar de financieel beheerder.
De belastingplichtigen kunnen de verbetering aanvragen van materiële missingen, zoals dubbele aanslag, rekenfouten, enz. zolang de gemeenterekening van het dienstjaar waarop de belasting betrekking heeft, niet goedgekeurd werd.
Art. 7 De belasting moet betaald worden binnen twee maanden na de verzending van het aanslagbiljet.
Art. 8 Wanneer de belasting niet betaald is binnen de gestelde termijn worden de regels toegepast betreffende de nalatigheidsintresten inzake de rijksbelastingen op de inkomsten.
De raad beslist:
Art. 1
Er wordt voor het aanslagjaar 2020 ten voordele van de gemeente Wellen, 50 opcentiemen geheven op de gewestelijke heffing ter bestrijding van leegstand en verwaarloosde bedrijfsgebouwen.
Art. 2
De gemeente doet een een beroep op de medewerking van het Agentschap Vlaamse Belastingdienst voor de inning van deze opcentiemen
Art. 3
Een afschrift van deze verordening wordt aan de toezichthoudende overheid toegezonden.
Art. 4
Dit besluit wordt vóór 01.03.2020 per aangetekende brief verstuurd naar :
Agentschap Vlaamse Belastingdienst
Mevr. Els Slagmulder
Dienst financiële opvolging
Koning Albert II-laan 35 bus 62
1030 Brussel
De raad beslist:
Art. 1
Er wordt voor het aanslagjaar 2020 ten voordele van de gemeente Wellen, 50 opcentiemen geheven op de gewestelijke heffing ongeschikte en onbewoonbare woningen ingevoerd door het decreet van 22 december 1995 betreffende bepalingen tot begeleiding van de begroting 1996, meer bepaald Hoofdstuk VIII, afdeling 2 en latere wijzigingen en overgenomen door het decreet houdende de Vlaamse Codex Fiscaliteit van 13/12/2013, zoals gewijzigd.
Art. 2
De gemeente doet een beroep op de medewerking van het Agentschap Vlaamse Belastingdienst voor de inning van deze opcentiemen.
Art. 3
Een afschrift van deze verordening wordt aan de toezichthoudende overheid toegezonden.
Art. 4
Dit besluit wordt vóór 01.03.2019 per aangetekende brief verstuurd naar :
Agentschap Vlaamse Belastingdienst
Mevr. Els Slagmulder
Dienst financiële opvolging
Koning Albert II-laan 35 bus 62
1030 Brussel
De raad beslist:
Art. 1 Artikel 1 : Voor een termijn eindigend op 31.12.2020 worden volgende retributies geheven:
a) Voor de ophaling aan huis van huisvuil moet gebruik worden gemaakt van reglementaire huisvuilzakken. Voor de tweewekelijkse ophaling van het huisvuil worden de bordeauxrode plastiekzakken met opdruk « limburg.net » geleverd aan:
- € 1,25 per zak van 44 liter oftewel € 12,50 per rol van 10 zakken
- € 0,625 per zak van 22 liter oftewel € 6,25 per rol van 10 zakken
b) De inzameling van het gft-afval gebeurt door middel van een door de gemeente ter beschikking gestelde gft-container. Voor de tweewekelijkse ophaling van het groente, fruit- en tuinafval worden er papierzakken geleverd aan:
- € 0,37 per zak van 40 liter - 1,85 euro voor 5 zakken van 40 liter
- € 0,50 per zak van 120 liter - 2,50 euro voor 5 zakken van 120 liter
Er wordt een retributie aangerekend voor inzameling van gft-afval door middel van een GFT-sticker.
-De prijs van de GFT-sticker wordt vastgesteld als volgt:
i.GFT-container van 40 liter: sticker van € 10
ii.GFT-container van 120 liter: sticker van € 25
c) Voor de inzameling aan huis van pmd-afval moet gebruik worden gemaakt van pmd-zakken. Voor de tweewekelijkse ophaling van PMD worden deze zakken aangeboden aan:
- € 0,15 per zak van 60 liter of € 3,00 per rol van 20 zakken van 60 liter
- € 0,3 per zak van 120 liter of € 3,00 per rol van 10 zakken van 120 liter (voor scholen + verenigingen)
d) Voor het ophalen van het grofvuil op afroep wordt een retributie vastgesteld op € 20,00 per ophaalbeurt. Het totaal volume is beperkt tot 2m² per aanbieding en mag maximum 2m lang en 1m breed zijn. Het gewicht van één afzonderlijk voorwerp of een samengebonden bundel mag niet groter zijn dan 70 kg. De retributie wordt voldaan door betaling van de grofvuilstickers die zichtbaar op het grofvuil worden gekleefd. De grofvuilstickers worden verkocht aan een prijs van € 20 per sticker. Op het containerpark worden geen grofvuilstickers als betaalmiddel aanvaard.
e) Op het afleveren van de toegelaten huishoudelijke afvalfracties in het gemeentelijk recyclagepark, gelegen te Overbroekstraat z/n, worden volgende retributies geheven :
* autobanden: - diameter kleiner of gelijk aan 85 cm: € 2,50 per stuk
- diameter groter dan 85 cm: € 12,50 per stuk.
* steengruis : - € 15,00 per m³
zuiver bouwpuin- tot en met 0,5 m³: € 7,50
- ophaling door de Technische Dienst: € 15,00 per m³
* snoeihout : - levering in containerpark : gratis
- ophaling door de Technische Dienst: € 10,00 per m³
* gemengd groenafval : - € 20,00 per m³
en gazonmaaisel - tot en met 0,5m³ : € 10,00
* gemengd houtafval : - € 14,00 per m³
- tot en met 0,5 m³ : € 7,00
* vervuild piepschuim: - € 15,00 per m³
en EPS - tot en met 0,5 m³: € 7,50
* grofvuil : - 15 euro per m³
- tot en met 0,5 m³ : 7,5 euro
- verboden om gesloten zakken in de containers te gooien
* gemengd bouwpuin : - € 15,00 per m³
- tot en met 0,5 m³: € 7,50
- ophaling door de technische dienst : € 15,00 per m³
!! salons en matrassen worden geweigerd op het recyclagepark, deze zijn alleen mee te geven met ophaling aan huis via het systeem van de grofvuilstickers (zie d)).
f) Kosten voor de afvoer en verwerking van eventueel verontreinigde grond afkomstig van openbaar domein en in opdracht van particulieren : € 70,00 per m³
g) Kosten voor de afvoer en verwerking van landbouwplastiek : € 151,25 per ton.
De inzameling gebeurt door de plaatsing van een container bij de betrokken landbouwer. Na de afvoer en weging bij de verwerkingsfirma wordt de prijs vastgesteld en een factuur opgemaakt.
h) Verkoop compostbak in kunststof : € 35,00 per stuk
Verkoop compostvat in kunststof : € 15,00 per stuk
MODALITEITEN
De verkoop van compostrecipiënten wordt geregeld volgens de modaliteiten hierna bepaald:
Compostrecipiënten worden rechtstreeks geleverd bij de gemeente en voorgefinancierd door Limburg.net.
Limburg.net stelt individuele facturen op aan de hand van een lijst en verklaart deze ‘voor voldaan’.
LEVERINGEN EN BEHEER
De compostrecipiënten worden besteld bij Limburg.net.
Het gemeentebestuur beheert de compostrecipiënten als een goede huisvader.
Limburg.net maakt per gemeente een rekening aan bij Belfius.
Limburg.net bezorgt aan de gemeente voorgedrukte overschrijvingsformulieren.
- Na verkoop aan de inwoners betaalt de gemeente de verkochte compostbakken en -vaten op de Belfiusrekening.
- De inwoner betaalt in het containerpark met bankcontact de compostbakken en -vaten bij de aankoop.
- De parkwachter houdt volgende informatie bij voor iedere aankoop :
* datum van aankoop;
* naam;
* adres;
* aantal verkochte compostbakken en/of -vaten.
BETALINGSWIJZE
Het gemeentebestuur zorgt voor een adressenlijst van de personen en het aantal recipiënten dat zij hebben gekocht.
Het gemeentebestuur volgt de betalingen van de compostrecipiënten op via Belfiusweb.
Het gemeentebestuur zorgt voor het nazicht van de rekening en het opmaken van een leveringslijst.
Op 31 december van elk jaar wordt de voorraad geteld en deze inventaris wordt aan Limburg.net bezorgd.
Ook worden de al betaalde, maar nog niet afgehaalde of geleverde recipiënten doorgegeven aan Limburg.net.
Art. 2 De toegang tot het gemeentelijk recyclagepark is enkel mogelijk voor inwoners van de gemeente Wellen met behulp van hun eID kaart. Inwoners van andere gemeenten dan Wellen hebben geen toegang tot het recyclagepark, ter plaatse Overbroekstraat. Hierop zal streng toezicht uitgeoefend worden.
Art. 3 Alle betalende fracties dienen contant betaald te worden op het recyclagepark tegen afgifte van een kwitantie, afgeleverd door de toezichthoudende parkwachter. Er worden geen facturen uitgeschreven voor deze afvalstoffen aangeleverd op het recyclagepark.
De gebruikers verklaren zich, vanaf het moment dat zij het recyclagepark verlaten, automatisch akkoord met de aangerekende retributie.
Art. 4 Het gemeentebestuur zal haar inwoners in kennis stellen van de plaatsen en modaliteiten waar huisvuilzakken, pmd-zakken, gft-stickers, gft-zakken en grofvuilstickers kunnen bekomen worden tegen betaling van de vastgelegde retributie.
Art. 5 Dit reglement vervangt alle vorige reglementen betreffende deze inhoud, met ingang van 01/01/2020.
Art. 6 Dit raadsbesluit zal worden bekendgemaakt overeenkomstig artikel 186 en 187 van het gemeentedecreet.
Een kopie van onderhavig raadsbesluit wordt in toepassing van artikel 248 tot en met 261 van het gemeentedecreet verzonden aan de provinciegouverneur.
Een eensluidend gewaarmerkt afschrift van dit reglement zal ter kennisgeving worden overgemaakt aan:
• LIMBURG.NET;
• de Openbare Vlaamse Afvalstoffenmaatschappij;
• het Departement LNE, Afdeling Milieu-inspectie en/of de Vlaamse Minister van Leefmilieu;
De raad beslist:
Art. 1 Voor een termijn eindigend op 31 december 2020 wordt een retributie geheven bij de aflevering van de machtiging tot organisatie van een manifestatie voor de gevallen waarin de inwoners op de hoogte moeten gebracht worden van gewijzigde verkeersmaatregelen.
Art. 2 Het bedrag van de retributie wordt vastgesteld op € 12,39 voor de kosten van de berichtgeving.
Art. 3 Deze retributie is verschuldigd door de organisator van de manifestatie.
Art. 4 Bij gebrek aan betaling zal de retributie ingevorderd worden overeenkomstig de regels van de burgerlijke rechtspleging.
Art. 5 Deze beslissing zal aan het toezicht van de hogere overheid onderworpen worden.
goedkeuren Els Robeyns Sandra Jans Ronald Kenis Willy Bex Eric Martens Fabienne Vanmuysen Mia Cuppens Frank Cornitensis Luc Knuts Gerry Briers Marina Scholts Johan Cabergs Ellen Punie Ilse Bosmans Marc Weeghmans Stéphanie Billen Stijn Vandersmissen Herman Pipeleers Kristien Treunen Els Robeyns Sandra Jans Ronald Kenis Willy Bex Eric Martens Fabienne Vanmuysen Frank Cornitensis Luc Knuts Gerry Briers Marina Scholts Johan Cabergs Ellen Punie Ilse Bosmans Marc Weeghmans Stéphanie Billen Stijn Vandersmissen Herman Pipeleers Kristien Treunen Willy Bex Marina Scholts Fabienne Vanmuysen Ronald Kenis Eric Martens Kristien Treunen Ellen Punie Herman Pipeleers Gerry Briers Frank Cornitensis Ilse Bosmans Luc Knuts Els Robeyns Johan Cabergs Sandra Jans Stijn Vandersmissen Marc Weeghmans Stéphanie Billen aantal voorstanders: 14 , aantal onthouders: 4 , aantal tegenstanders: 0 Goedgekeurd
De raad beslist:
Art. 1 Jaarlijks worden gratis huisvuilzakken ter beschikking gesteld, als volgt :
- aan de gezinnen met kinderen van minder dan 2 jaar vastgesteld op datum van de aanvraag :
per kind jonger dan 2 jaar: 20 kleine huisvuilzakken
- aan incontinenten, op basis van de voorlegging van een medisch attest - aan de beambte(n) ter
vertrouwelijke behandeling hiervoor aangesteld door het bestuur : 60 grote huisvuilzakken.
- aan patiënten die thuis een dialysebehandeling ondergaan, op basis van de voorlegging van een
medisch attest – aan de beambte(n) ter vertrouwelijke behandeling hiervoor aangesteld door het
bestuur : 160 grote huisvuilzakken.
- aan stomapatiënten, op basis van de voorlegging van een medisch attest – aan de beambte(n) ter
vertrouwelijke behandeling hiervoor aangesteld door het bestuur : 60 kleine huisvuilzakken.
In geval van blijvende letsels die recht geven op gratis huisvuilzakken, volstaat het om éénmalig een medisch attest te bezorgen waarin het onomkeerbaar karakter van het letsel wordt erkend. Het attest zal door de beambte die aangesteld werd door het bestuur ter vertrouwelijke behandeling, bewaard worden
Art. 2 Een jaarlijkse financiële tussenkomst vanwege de gemeente t.b.v. € 12,40 wordt geleverd door middel van een overschrijving op rekening van de belastingplichtige, aan de gezinnen met :
3 en meer kinderen fiscaal ten laste, op 01.01.2020.
De raad beslist:
Art. 1 De toelage in de werkingskosten van de oudercomités van de scholen voor 2019 wordt als volgt vastgesteld :
1. oudercomité De Eik868 X 277/691 = € 347,95
2. oudercomité De Bron868 X 328/691 = € 412,02
3. oudercomité Basissch. Ulbeek868 X 86/691 = € 108,03
Art. 2 Overeenkomstig artikel 9 van voormelde wet van 14 november 1983 worden hoger vernoemde verkrijgers vrijgesteld van de verantwoording van de aanwending der toelagen, onverminderd artikels 3 en 7 van voornoemde wet.
De raad beslist:
Art. 1 In de meerkosten voor de huur van de openbare sportaccommodaties buiten de gemeentelijke sporthal, voor wat betreft de sportverenigingen aangesloten met de sportraad, zal de gemeente tussenkomen voor 50% van de meerkosten, evenwel met toepassing van volgende bepalingen:
- er wordt geen tussenkomst verleend ten bedrage van de uren dat de gemeentelijke sporthal
vrij is tijdens weekavonden tussen 18 en 22uur;
- er zal eerst aftrek gebeuren van het totaal van de vrije uren van de gemeentelijke
sporthal, gelegen op weekavonden tussen 18 en 22 uur gedurende die week
- de duurste gevraagde tussenkomsten van de betreffende week zullen eerst afgetrokken
worden.
Art. 2 De sportverenigingen zullen elk kwartaal de factuur dewelke zij dienen te betalen voor de huur van deze accommodaties voorleggen aan ons bestuur.
Art. 3 De sportverenigingen zullen elk kwartaal een gedetailleerde schuldvordering opmaken. Na verificatie zal aan de ontvanger opdracht gegeven worden om 50% van de meerkost voor de huur van deze accommodaties terug te betalen aan de desbetreffende vereniging.
Art. 4 Deze toelage zal aangerekend worden op registratiesleutel 074000/61930000 van het exploitatiebudget 2020.
Art. 5 Dit besluit treedt in werking op 1 januari 2020.
De raad beslist:
Art. 1 De gemeente zal tussenkomen in de kosten voor de gemeentelijke sportkampen 2020 à rato van € 2,48 per wellense deelnemer per dag, onder volgende voorwaarden :
-het deelnamegeld mag maximum € 5,45 per dag en per persoon bedragen,
(t.t.z. € 27,25 /5 dagen-kamp, € 21,80 /4 dagen-kamp, …)
Naast deze traditionele omni-sportkampen wordt de mogelijkheid geboden om max. 4/jaar tijdens de vakantieperiodes sportkampen met een sportieve meerwaarde aan te bieden (zoals o.a. kombinatiesportkampen – schaats/film/ zwemmen/paardrijden e.a.)
De prijs van deze kampen mag maximum € 7,44 /dag en per persoon bedragen
(t.t.z. € 37,20/kind/week voor 5 dagen kamp en € 29,76/4 dagen kamp, …)
De gemeentelijke tussenkomst in deze blijft beperkt, conform dit reglement tot € 2,48/kind/dag m.a.w. voor een 5 dagen-kamp zal de deelnameprijs voor de Wellense kinderen maximum € 24,80 /week bedragen (max. € 19,84/week 4 dagen, …)
-de gemeente dient door de sportraad tijdig en schriftelijk verwittigd te worden van de
tijdstippen van de organisatie, zodat telkens en dagelijks een controle kan plaatsvinden
op het aantal deelnemers door de sportverantwoordelijke,
-het behoud van recht om niet tussen te komen indien het gemeentebestuur niet tijdig
verwittigd wordt.
De raad beslist:
Art. 1 De gemeente zal tussen komen in de kosten voor deelname van Wellense kinderen met een beperking aan sportkampen/-dagen 2020 buiten de gemeente à rato van € 2,48 per deelnemer per dag, onder bepaalde voorwaarden:
1) de kinderen moeten in Wellen woonachtig zijn (hoofdverblijfplaats)
2) de kinderen mogen maximum 21 jaar zijn op moment van deelname
3) het maximum aantal dagen dat er een tussenkomst gevraagd/toegekend kan worden bedraagt 60 dagen
4) de ouder(s) dienen een aanvraag in te dienen bij de sportdienst. Deze aanvraag moet vergezeld zijn van een attest van de organisatie van het gevolgde sportkamp/-dag, waaruit blijkt dat dit een sportkamp is voor kinderen met een beperking
5) de goedkeuring van de terugbetaling zal gebeuren door het schepencollege op basis van de aanvraag en bijgevoegde attest
6) de terugbetaling zal rechtstreeks gebeuren aan de ouder(s)
goedkeuren reglement verhuring gemeentemateriaal Els Robeyns Sandra Jans Ronald Kenis Willy Bex Eric Martens Fabienne Vanmuysen Mia Cuppens Frank Cornitensis Luc Knuts Gerry Briers Marina Scholts Johan Cabergs Ellen Punie Ilse Bosmans Marc Weeghmans Stéphanie Billen Stijn Vandersmissen Herman Pipeleers Kristien Treunen Els Robeyns Sandra Jans Ronald Kenis Willy Bex Eric Martens Fabienne Vanmuysen Frank Cornitensis Luc Knuts Gerry Briers Marina Scholts Johan Cabergs Ellen Punie Ilse Bosmans Marc Weeghmans Stéphanie Billen Stijn Vandersmissen Herman Pipeleers Kristien Treunen Eric Martens Johan Cabergs Ilse Bosmans Luc Knuts Ellen Punie Els Robeyns Herman Pipeleers Ronald Kenis Kristien Treunen Frank Cornitensis Marina Scholts Willy Bex Gerry Briers Marc Weeghmans Stijn Vandersmissen Stéphanie Billen Sandra Jans Fabienne Vanmuysen aantal voorstanders: 11 , aantal onthouders: 7 , aantal tegenstanders: 0 Goedgekeurd
goedkeuren ammendement 1 Els Robeyns Sandra Jans Ronald Kenis Willy Bex Eric Martens Fabienne Vanmuysen Mia Cuppens Frank Cornitensis Luc Knuts Gerry Briers Marina Scholts Johan Cabergs Ellen Punie Ilse Bosmans Marc Weeghmans Stéphanie Billen Stijn Vandersmissen Herman Pipeleers Kristien Treunen Els Robeyns Sandra Jans Ronald Kenis Willy Bex Eric Martens Fabienne Vanmuysen Frank Cornitensis Luc Knuts Gerry Briers Marina Scholts Johan Cabergs Ellen Punie Ilse Bosmans Marc Weeghmans Stéphanie Billen Stijn Vandersmissen Herman Pipeleers Kristien Treunen Stéphanie Billen Gerry Briers Willy Bex Fabienne Vanmuysen Stijn Vandersmissen Marc Weeghmans Sandra Jans Herman Pipeleers Ronald Kenis Eric Martens Els Robeyns Ellen Punie Ilse Bosmans Frank Cornitensis Marina Scholts Kristien Treunen Luc Knuts Johan Cabergs aantal voorstanders: 7 , aantal onthouders: 0 , aantal tegenstanders: 11 Verworpen
De raad beslist:
Art. 1 Voor een termijn eindigend op 31 december 2020, worden de huurgelden vastgesteld die gelden bij het uitlenen van gemeentemateriaal.
Art. 2 Dit gemeentemateriaal wordt enkel uitgeleend aan:
-Wellense verenigingen aangesloten bij een gemeentelijke adviesraad
-Scholen gevestigd op het grondgebied van Wellen
-De Wellense Middenstand
-De geestelijke overheid
-Buurtverenigingen en/of straatcomités
VOOR EEN PERIODE VAN MAXIMUM 10 DAGEN
Art. 3 de huurtarieven worden vastgesteld als volgt:
MATERIAAL | WAARBORG | HUUR | PRIJS BESCHADIGING | PRIJS VERLIES |
Tentoonstellingspanelen + staanders (70) | 6 euro/set | gratis | wordt bepaald naargelang beschadiging | Aanschaffingsprijs |
Podium (50/ 1=2m2 | 25 euro/m² (max. 745 euro) | gratis | wordt bepaald naargelang beschadiging | Aanschaffingsprijs |
Trap 4 treden (2) | 50 euro | gratis | wordt bepaald naargelang beschadiging | Aanschaffingsprijs |
Podiumleuning (20m) | 50 euro | gratis | wordt bepaald naargelang beschadiging | Aanschaffingsprijs |
Podiumblindering (50m) | 50 euro | gratis | wordt bepaald naargelang beschadiging | Aanschaffingsprijs |
Erepodium | 100 euro | gratis | wordt bepaald naargelang beschadiging | Aanschaffingsprijs |
Nadarhekken (120) * 2m/hek | 6 euro/stuk | gratis | wordt bepaald naargelang beschadiging | Aanschaffingsprijs
|
Stoelen (550) | t/m 100 stuks : 124 euro 101 stuks en meer : 248 euro | 0,13 euro/stoel | 13 euro/stoel | Aanschaffingsprijs |
Tafels (80) | t/m 20 stuks : 124 euro 20 stuks en meer : 248 euro | 0.50 euro/tafel | 25 euro/tafel | Aanschaffingsprijs |
Houten tafels | t/m 23 stuks : 150 euro | gratis | wordt bepaald naargelang beschadiging | Aanschaffingsprijs |
Houten banken | t/m 40 stuks : 150 euro | gratis | wordt bepaald naargelang beschadiging | Aanschaffingsprijs |
Tenten (4)
Partytenten | 124 euro/tent
200 euro/tent | 8 euro/tent
16 euro/tent | 124 euro/tent
wordt bepaald naargelang beschadiging | Aanschaffingsprijs
Aanschaffingsprijs |
Art. 4 Voor het huren van de tenten “Bruisend Wellen” dient de huurder ten minste 4 weken op voorhand een gemotiveerd schrijven te richten aan het college van burgemeester en schepenen teneinde de toelating tot huren te verkrijgen. In dit schrijven moet - het soort van evenement, het doel en de ondergrond waarop de tenten geplaatst worden - omschreven worden.
Art. 5 Hoger vernoemde huurprijzen dienen betaald te worden in handen van de aangestelde personeelsleden verhuring gemeentelijk materiaal.
Art. 6 De ontvangen gelden zullen maandelijks door de aangestelde personeelsleden overgemaakt worden op het rek. nr. 091-0004969-51 van de gemeente. Aan de dienst financiën zal maandelijks een afschrift bezorgd worden van de genummerde bons, samen met een overzichtstaat inzake de verhuringen van de gemeentelijke materialen die de storting verantwoorden.
Art. 7 De waarborg wordt - per gekruiste cheque of door middel van een behoorlijk ingevulde en ondertekende overschrijving - afgeleverd aan de aangestelde personeelsleden.
Art. 8 Het materiaal zal slechts verhuurd worden als het huurgeld en de waarborg ten minste 14 dagen op voorhand voldaan is.
Art. 9 De waarborg wordt terugbezorgd aan de aanvrager na afloop van de verhuring van het materiaal indien er geen beschadiging, verlies of misbruik vastgesteld wordt.
Art. 10 Indien het materiaal beschadigd wordt, of bij verlies, zullen de huurders een factuur ontvangen met vermelding van de schade. Na betaling zal de waarborg (gekruiste cheque of overschrijving) terugbezorgd worden aan de huurder. De waarborg zelf (gekruiste cheque of overschrijving) zal enkel aangewend worden indien de betaling van de schadefactuur achterwege blijft.
Art. 11 De aanvrager dient het gehuurde materiaal na gebruik zuiver te maken.
Art. 12 De aanvrager dient de gehuurde tenten “Bruisend Wellen”:
-zelf af te halen bij de technische dienst, na contactname met de dienst verhuringen
-de eerstvolgende werkdag volgend op de verhuring, in oorspronkelijke staat en in de
oorspronkelijke verpakking, terug te brengen naar de technische dienst tussen 8.30 en
10.00 uur.
-na gebruik veilig in een afgesloten ruimte op te bergen om diefstal te vermijden.
Art. 13 De aanvrager dient alle ander gehuurd materiaal :
-de eerstvolgende werkdag volgend op de verhuring
- in oorspronkelijke staat
-gestapeld
-op de plaats van levering
-om 8.30 uur klaar te zetten voor de Technische Dienst. (nadars dienen per soort gestapeld te
worden)
Art. 14 De gehuurde materialen kunnen ten laatste 14 dagen, vóór de datum van de activiteit, schriftelijk geannuleerd worden. Het huurbedrag wordt in dit geval terugbetaald aan de aanvrager.
Goedkeuren amendement Els Robeyns Sandra Jans Ronald Kenis Willy Bex Eric Martens Fabienne Vanmuysen Mia Cuppens Frank Cornitensis Luc Knuts Gerry Briers Marina Scholts Johan Cabergs Ellen Punie Ilse Bosmans Marc Weeghmans Stéphanie Billen Stijn Vandersmissen Herman Pipeleers Kristien Treunen Els Robeyns Sandra Jans Ronald Kenis Willy Bex Eric Martens Fabienne Vanmuysen Frank Cornitensis Luc Knuts Gerry Briers Marina Scholts Johan Cabergs Ellen Punie Ilse Bosmans Marc Weeghmans Stéphanie Billen Stijn Vandersmissen Herman Pipeleers Kristien Treunen Gerry Briers Willy Bex Stijn Vandersmissen Sandra Jans Stéphanie Billen Fabienne Vanmuysen Marc Weeghmans Frank Cornitensis Johan Cabergs Els Robeyns Luc Knuts Ilse Bosmans Kristien Treunen Ellen Punie Eric Martens Herman Pipeleers Marina Scholts Ronald Kenis aantal voorstanders: 7 , aantal onthouders: 0 , aantal tegenstanders: 11 Verworpen
goedkeuren reglement Els Robeyns Sandra Jans Ronald Kenis Willy Bex Eric Martens Fabienne Vanmuysen Mia Cuppens Frank Cornitensis Luc Knuts Gerry Briers Marina Scholts Johan Cabergs Ellen Punie Ilse Bosmans Marc Weeghmans Stéphanie Billen Stijn Vandersmissen Herman Pipeleers Kristien Treunen Els Robeyns Sandra Jans Ronald Kenis Willy Bex Eric Martens Fabienne Vanmuysen Frank Cornitensis Luc Knuts Gerry Briers Marina Scholts Johan Cabergs Ellen Punie Ilse Bosmans Marc Weeghmans Stéphanie Billen Stijn Vandersmissen Herman Pipeleers Kristien Treunen Els Robeyns Marina Scholts Ilse Bosmans Eric Martens Herman Pipeleers Ronald Kenis Kristien Treunen Johan Cabergs Ellen Punie Frank Cornitensis Luc Knuts Marc Weeghmans Stijn Vandersmissen Willy Bex Stéphanie Billen Fabienne Vanmuysen Sandra Jans Gerry Briers aantal voorstanders: 11 , aantal onthouders: 7 , aantal tegenstanders: 0 Goedgekeurd
De raad beslist:
Art. 1 Het huishoudelijk reglement van jeugdheem de Reynaert, zoals in bijlage toegevoegd, wordt goedgekeurd
goedkeuren Els Robeyns Sandra Jans Ronald Kenis Willy Bex Eric Martens Fabienne Vanmuysen Mia Cuppens Frank Cornitensis Luc Knuts Gerry Briers Marina Scholts Johan Cabergs Ellen Punie Ilse Bosmans Marc Weeghmans Stéphanie Billen Stijn Vandersmissen Herman Pipeleers Kristien Treunen Els Robeyns Sandra Jans Ronald Kenis Willy Bex Eric Martens Fabienne Vanmuysen Frank Cornitensis Luc Knuts Gerry Briers Marina Scholts Johan Cabergs Ellen Punie Ilse Bosmans Marc Weeghmans Stéphanie Billen Stijn Vandersmissen Herman Pipeleers Kristien Treunen Willy Bex Fabienne Vanmuysen Gerry Briers Luc Knuts Marina Scholts Els Robeyns Ronald Kenis Herman Pipeleers Eric Martens Johan Cabergs Kristien Treunen Frank Cornitensis Ellen Punie Ilse Bosmans Sandra Jans Stijn Vandersmissen Stéphanie Billen Marc Weeghmans aantal voorstanders: 3 , aantal onthouders: 4 , aantal tegenstanders: 11 Verworpen
De raad beslist:
Art. 1 Het voorstel tot wijziging Artikel 38 $1 van het huishoudelijk reglement als volgt, en dit met
ingang van 7/01/2020:
§ 1 - Ter ondersteuning van de gemeenteraadsfracties wordt jaarlijks aan elke fractie,
vertegenwoordigd in de gemeenteraad, een toelage voorzien onder volgende modaliteiten:
-141 euro per fractie
- 94 euro per gemeenteraadslid
wordt niet weerhouden
Goedkeuren Els Robeyns Sandra Jans Ronald Kenis Willy Bex Eric Martens Fabienne Vanmuysen Mia Cuppens Frank Cornitensis Luc Knuts Gerry Briers Marina Scholts Johan Cabergs Ellen Punie Ilse Bosmans Marc Weeghmans Stéphanie Billen Stijn Vandersmissen Herman Pipeleers Kristien Treunen Els Robeyns Sandra Jans Ronald Kenis Willy Bex Eric Martens Fabienne Vanmuysen Frank Cornitensis Luc Knuts Gerry Briers Marina Scholts Johan Cabergs Ellen Punie Ilse Bosmans Marc Weeghmans Stéphanie Billen Stijn Vandersmissen Herman Pipeleers Kristien Treunen Stijn Vandersmissen Sandra Jans Fabienne Vanmuysen Gerry Briers Stéphanie Billen Willy Bex Kristien Treunen Els Robeyns Marina Scholts Ilse Bosmans Herman Pipeleers Johan Cabergs Frank Cornitensis Ronald Kenis Ellen Punie Luc Knuts Eric Martens Marc Weeghmans aantal voorstanders: 6 , aantal onthouders: 1 , aantal tegenstanders: 11 Verworpen
De raad beslist:
Art. 1 Het voorstel Wijziging Artikel 36 $2 van het huishoudelijk reglement als volgt, en dit met
ingang van 7/01/2020:
§ 2 - Het presentiegeld bedraagt met ingang vanaf 04/01/2020 190 € en wordt
toegekend als volgt:
1°. Presentiegeld raadslid voor een vergadering van de gemeenteraad en OCMW-raad
aansluitend op dezelfde dag: 190 €
2°. Presentiegeld raadslid voor een vergadering van uitsluitend een gemeenteraad: 190 €
3°. Presentiegeld raadslid voor een vergadering van uitsluitend een OCMW-raad: 190 €
4°. Presentiegeld voorzitter voor een vergadering van de gemeenteraad en OCMW-raad
aansluitend op dezelfde dag: dubbel presentiegeld - 380 €
5°. Presentiegeld voorzitter voor een vergadering van uitsluitend een gemeenteraad:
dubbel presentiegeld - 380 €
6°. Presentiegeld voorzitter voor een vergadering van uitsluitend een OCMW-raad: 190 €
7°. Presentiegeld raadslid voor een commissievergadering: 190€
8°. Presentiegeld voorzitter van een commissievergadering: 380 €
wordt niet weerhouden
De raad beslist:
Art. 1 : De notulen en het zittingsverslag van de vergadering van 29 november en 9 december 2019, goed te keuren.
Publicatie LBLOD
De applicatie "Meeting.burger" helpt lokale besturen bij het aanmaken, annoteren en publiceren van agenda's, besluiten en notulen volgens het principe van gelinkte open data.
Wanneer een publicatie wordt uitgevoerd, wordt er een expliciete "bundel" van het document opgeslagen. Op dat moment is het document inhoudelijk niet meer aanpasbaar door de gebruiker. Deze "bundel" bestaat uit:
De inhoud van de publicatie op het moment dat deze werd uitgevoerd.
Een unieke identificatie van de gebruiker die de actie heeft uitgevoerd.
De tijdstempel waarop de actie werd uitgevoerd.
Al deze gegevens staan op een aparte publicatie omgeving die beveiligd toegankelijk is voor een beperkt aantal personen.